Onderzoek

Allemaal een 6 gooien

Tekst Monique Marreveld
Gepubliceerd op 30-03-2017 Gewijzigd op 07-12-2020
Beeld Remco Schoppert
Misschien herken je het wel, dat gevoel van ‘wij bieden alle leerlingen gelijke kansen’. De meeste leraren in het po vinden dit ook echt, bleek uit onderzoek in november. In het vo zijn ze er minder sterk van overtuigd. Klopt het gevoel van de leraren? De overgangen blijken de grootste knelpunten. Help leerlingen op hun levensweg.  

->Start

De beste start is volgens experts als Paul Leseman voor- en vroegschoolse educatie (vve). Afgezien van de discussie over de effectiviteit, verschilt het per gemeente welke kinderen tot de doelgroep behoren en dus recht hebben op deze vorm van ondersteuning. Steeds meer kinderen die het eigenlijk niet nodig hebben, krijgen vve (en daarmee extra kansen), terwijl degenen die wel een duwtje kunnen gebruiken, het soms zonder moeten doen. Vertaald naar het levenswegspel: sommige kinderen gooien aan het begin niet hoger dan een één, terwijl anderen met een zes kunnen starten.
Feit is dat veel kinderen uit laagopgeleide gezinnen eenmaal op de basisschool al snel achterlopen op leeftijdgenootjes met hoogopgeleide ouders. Of ze Nederlands spreken thuis, is niet altijd de onderscheidende factor. Taligheid in het gezin is wel belangrijk. Basisscholen hebben dus niet alle kaarten in handen, maar hebben zeker invloed: aandacht voor een doorgaande leerlijn tussen voorschoolse educatie en groep 1 en goed contact tussen leiders en leraren bevorderen de ontwikkeling van kinderen. Kleutergroepen hoeven niet toe te werken naar een kleutertoets, maar van extra aandacht voor woordenschat en beginnende gecijferdheid profiteren ook de kinderen die vve misliepen.

Haal de wereld binnen: lees voor en bekijk films

->Ga terug naar groep 2/ga door naar groep 3

Vergeleken met andere landen blijven in Nederland meer kinderen extra lang kleuteren, hoewel dit meestal niets oplost. Onderzoekers van ITS en het Kohnstamm Instituut hebben laten zien dat deze kinderen na groep 3 vaak opnieuw een achterstand opbouwen. Ze blijven in hogere groepen nog een keer zitten of belanden uiteindelijk in het speciaal onderwijs. Ook Amerikaans onderzoek wijst erop dat zittenblijvers later slechter presteren in taal en rekenen dan hun vroegere klasgenoten die een vergelijkbaar niveau hadden maar wel meteen zijn doorgestroomd.
Wat helpt wel? Een soepeler overgang van groep 2 naar groep 3 bijvoorbeeld. Er zijn scholen die groep 2 en 3 in elkaar laten overvloeien. Ook kun je ervoor zorgen dat het onderwijs in groep 3 meer spelelementen bevat, waardoor kinderen geleidelijk kunnen wennen aan het leren uit boekjes. Nog een andere mogelijkheid zijn halfjaarprogramma’s, zodat kinderen niet alleen in de zomer, maar ook met kerst naar groep 3 kunnen overstappen. En voor leerlingen aan wie je echt twijfelt: extra hulp en goede doorverwijzing in het kader van passend onderwijs.

->Leer lezen, leer de wereld kennen

Start Remco SchoppertNeem begrijpend lezen: je kunt er als school veel aan doen, maar als leerlingen de wereld niet kennen, staan ze op achterstand. In groep 5 en 6 wordt begrijpend lezen steeds belangrijker, ook voor andere vakken. Dan vallen de prestaties van die leerlingen vaak terug, blijkt uit onderzoek van het Kohnstamm Instituut. Dat komt niet door hun technisch leesniveau, maar doordat het hun ontbreekt aan contextuele kennis: aan begrippenkennis en kennis van de wereld die nodig is voor goede prestaties in begrijpend lezen. En dat is precies de kennis die zij minder vanuit huis meekrijgen dan de leerlingen uit meer kansrijke milieus.
Investeer dus in hun geestelijke bagage. Juist achterstandsleerlingen gaan vaak niet op vakantie, komen soms zelfs de wijk niet uit. Zorg daarom dat de wereld de school binnenkomt. Lees voor, laat leerlingen zelf veel lezen en ga met ze naar buiten, naar het museum. Haal gastlessen binnen, bekijk films en schooljournaal en geef kunstonderwijs. En heb je daar hulp bij nodig? Ga op zoek naar partners voor een verlengde schooldag, weekendonderwijs of vakantieschool (en https://didactiefonline.nl/artikel/zomerschool-helpt-tegen-zittenblijven ).

->Blijf klein/groei door

Kinderen uit lagere milieus zijn relatief vaak in lagere schooltypen te vinden, zelfs als ze hetzelfde presteren als kinderen uit hogere milieus. Dat komt mede door vooroordelen van leraren en hun lage verwachtingen. Want let op: uit onderzoek blijkt dat je collega’s, bewust of niet, hun gedrag en taalgebruik tegenover leerlingen aanpassen op basis van hun verwachtingen. Leerlingen gaan zich vervolgens daarnaar gedragen. Wees daarom ambitieus, koester hoge verwachtingen van alle leerlingen en benoem die ook. Positieve verwachtingen komen de leerprestaties van kinderen ten goede, terwijl negatieve verwachtingen leiden tot slechtere resultaten.
Houd ook rekening met verschillen. De ene leerling heeft nu eenmaal meer tijd en instructie nodig dan de andere. Wie streeft naar een excellente klas, helpt ook de minder kansrijke leerling.

->‘Ik voel me zo verdomd alleen’/Squla

Wees erop bedacht dat bepaalde ouders hun kind enorm pushen. Zij zullen bereid zijn extra in hun kind te investeren, door bijvoorbeeld online trainingen voor de eindtoets bij Squla te kopen of examentraining in het vo. Je kunt het ze niet verbieden, maar je kunt wel proberen het leren binnen de school te houden, zodat zo veel mogelijk kinderen gelijke kansen hebben. Organiseer bijvoorbeeld huiswerkbegeleiding op school, zodat leerlingen niet naar een huiswerkinstituut hoeven en schaduwonderwijs buiten de wedstrijd blijft. Of werk als school samen met organisaties die informeel onderwijs aanbieden voor specifieke doelgroepen, en zoek financiering voor kinderen die daarvan gebruik willen maken. In Dordrecht bijvoorbeeld wordt na onderzoek door Onderzoekcentrum Drechtsteden en het CAOP inmiddels nagedacht over een fonds voor informeel onderwijs.


->Enkelvoudig/meervoudig schooladvies 

Misschien met de beste bedoelingen, maar kinderen van hoogopgeleide ouders krijgen van je collega’s vaak een hoger schooladvies dan kinderen met dezelfde capaciteiten van lager opgeleide ouders. En daar kunnen goede redenen voor zijn: je kijkt natuurlijk ook naar motivatie, ondersteuning vanuit huis, ruimte om huiswerk te maken, ambitie en bijvoorbeeld afstand tot de middelbare school. Maar als je voor kinderen alle opties open wilt houden, is een meervoudig advies gewoon beter. Juist dan blijken leerlingen, ongeacht hun milieu, vaak terecht te komen op een onderwijspositie die past bij het hoogste advies.
Blijkt de uitslag van de eindtoets toch hoger dan het schooladvies dat je hebt opgesteld? Realiseer je dan dat uit onderzoek blijkt dat laagopgeleide ouders minder snel om een hoger instroomniveau vragen. Bied het zelf aan. Wettelijk wordt het bijstellen van het schooladvies naar aanleiding van de uitslag op de eindtoets overigens niet verplicht voor 2019, wanneer de eindevaluatie van de eindtoets wordt afgerond, zegt staatssecretaris Dekker. 

->Verrassing!/Ken je school

kinderen zijn verdeeldVoor veel basisschoolleerlingen is de overstap naar de middelbare school een game changer. Je helpt ze door tijd en energie te steken in een ‘warme overdracht’. Probeer daarom als basisschoolleraar bijvoorbeeld de middelbare scholen waar je leerlingen terechtkomen te bezoeken. Bereid je leerlingen zo veel mogelijk voor op wat hen daar te wachten staat. Studievaardigheden bespreken, agenda’s invullen: het helpt allemaal.

->Schrijf je in voor een smalle/brede brugklas

Je moet het wel willen uitleggen aan de inspectie, want je afstroom zal misschien wat toenemen, maar brede, meerjarige brugklassen bieden kinderen echt meer kansen. Leerlingen lijken iets vaker op te stromen ten opzichte van het schooladvies dan op scholen zonder brede klassen. De brede scholengemeenschap biedt vooral kinderen uit lager opgeleide milieus de kans te stapelen.
 

->Blijf zitten waar je zit/ga door naar de havo

Zo’n vijftig procent van de Nederlandse leerlingen gaat naar het vmbo, onder wie veel kinderen uit achterstandsgezinnen. Juist zij hebben baat bij een flexibele onderwijscarrière. Momenteel is de doorstroom naar de havo op veel scholen problematisch: leerlingen komen een vak tekort (vmbo heeft er zes, havo zeven), en veel scholen stellen aanvullende eisen voor doorstroom. Vanaf schooljaar 2019-2020 moet dat obstakel verdwenen zijn, als het aan staatssecretaris Dekker ligt: er komt doorstroomrecht vanuit vmbo-gl en -tl. Maar scholen die alle kinderen goede kansen willen bieden, kunnen hun leerlingen natuurlijk al eerder ondersteunen door de aansluiting tussen vmbo en havo te verbeteren .
Van de vmbo’ers leert nu 85% door in het mbo, waar vertraging en uitval onder kansarme jongeren nog relatief veel voorkomen. In de toekomst moet doorstroom naar het mbo zonder tussentijds examen mogelijk worden. Een startkwalificatie wordt dan haalbaar in vijf in plaats van zes jaar. De experts verschillen overigens van mening over het nut van deze maatregel, want de overstap van vmbo-leerlingen naar de havo wordt dan weer minder waarschijnlijk. 

Overheid, grijp het stuur
‘Te lang is het beeld gekoesterd dat onderwijsongelijkheid in Nederland verleden tijd is,’ zegt Herman van de Werfhorst, hoogleraar Sociologie aan de Universiteit van Amsterdam en directeur van het Amsterdam Centre for Inequality Studies. Onderwijsongelijkheid neemt toe, al jaren. ‘De Cito-toets is minder belangrijk gemaakt, en stapelen is veel moeilijker geworden.’
Natuurlijk zijn ook ouders deels verantwoordelijk. ‘Veel ongelijkheid ontstaat door heel bewuste keuzeprocessen van ouders.’ Met andere woorden, iedereen is tegen aparte ‘witte’ en ‘zwarte’ scholen, tot het om zijn eigen kind gaat.
Deborah Jongejan beschreef al in 2010 in het onderzoek ‘Prima maar niet voor mijn kind’ dat hoger opgeleide ouders vooral het maatschappelijke succes van hun kinderen willen veiligstellen en dat mede daardoor hun tolerantie relatief oppervlakkig is. Samen met Jochem Thijs ondervroeg zij 185 Rotterdamse ouderparen die voor de keuze van een middelbare school stonden over hun houding ten opzichte van ‘zwarte’ scholen en hun uiteindelijke keuze. Wat bleek? De ouders vonden etnisch diverse scholen belangrijk, maar kozen zelf toch liever scholen met ‘ons soort mensen’.
kinderen op de wereldHet zijn processen waarin de overheid niet zomaar kan ingrijpen. De bestuurder die dat wel doet, maakt zich niet populair, getuige het verzet van ouders tegen schooltoewijzingsprocedures in bijvoorbeeld Nijmegen en Amsterdam.
Aan een ander obstakel voor gelijkheid kan de overheid echter wél iets doen, zegt Van de Werfhorst: ‘Er is een dilemma tussen vrijheid voor scholen en gelijke kansen. Versmalling en verkorting van de brugperiode en versmalling van scholen zijn mijns inziens het gevolg van strategieën van scholen en ouders die te veel hun gang kunnen gaan. Als het de overheid menens is met gelijke kansen zal ze dit moeten erkennen, en een visie moeten ontwikkelen over gelijke kansen en daarop sturen.’
Van de Werfhorst ziet een rol voor gemeenten. ‘Zij kunnen versmalling tegengaan, bijvoorbeeld door scholen te faciliteren die een brede scholengemeenschap en brede brugklassen aanbieden. En de landelijke overheid zou dit soort ontwikkelingen kunnen stimuleren met financiële middelen. Ik weet niet of gemeenten op basis van hun verantwoordelijkheid voor schoolgebouwen nog strenger zouden kunnen zijn door “eisen” te stellen aan scholen; mogelijk zijn er juridische belemmeringen. Maar ik kan me voorstellen dat een gemeente zegt: dat mooie nieuwe schoolgebouw gaat er alleen komen voor een brede scholengemeenschap met brede brugklassen. Daar is namelijk de doorstroom van vmbo naar havo veel groter en dat biedt leerlingen meer kansen.’

 

Literatuur

Mulder, L., Fettelaar, D., Schouwenaars, I., Ledoux, G., Dikkers, L., Kuipers, E. (2014). De achterstand van autochtone doelgroepleerlingen. Amsterdam: ITS en Kohnstamminstituut. 

Werfhorst, van der H. (2008). Excellentie en gelijkheid gaan hand in hand. Waterlant: Waterstof, Krant van Waterland, 37.

Posthumus, H., Bakker, B., Graham, J., Houwen, van der K., Tepic, M., Tillaart, van den J., Scholtus, S., Verhallen-Schumacher, D., Vette, de N. (2017). Herziening gewichtenregeling primair onderwijs. Den Haag: CBS.

Mooij, de M., Andel, van W., Bakker, B., Gaalen, van R., Meijer, R., Slootbeek, M., Tepic, M., Weert, van C. (2015). Herziening gewichtenregeling voor het onderwijsachterstandenbeleid primair onderwijsCBS.

Ledoux, G., Roeleveld, J., Veen, A., Karssen, M., Daalen, van M., Blok, H., Kuiper, Els., Dikkers, L., Mulder, L,. Fettelaar, D., Driessen, G. (2015). Het onderwijsachterstandenbeleid onderzocht. Werkt het zoals bedoeld? ITS en Kohnstamminstituut. 

Oostrom-Meijden van der, S., Aa van der, B., Scheeren, J., Arslan, Z., Nes van, I., Monasso, R. (2016). Informeel Onderwijs. Een Dordtse verkenning. Onderzoekscentrum Drechtsteden en CAOP. 

Jongejan, D., & Thijs, J. T. (2010). 'Prima maar niet voor mijn kind': Opleidingsniveau en houding ten aanzien van zwarte scholen onder autochtone Nederlandse ouders. Migrantenstudies, 1, 2-20.

Dekker, S. (2016). Verdeling middelen achterstandenbeleid (kamerbrief). Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. 

Kleijwegt, M. (2016). 2 werelden, 2 werkelijkheden. Hoe ga je daar als docent mee om? Ministerie van Onderwijs, Culuur en Wetenschap. 

Ledoux, G., Elshof, D. (2013). Hebben leerlingen profijt van De Profijtklas? Onderzoek naar de resultaten van een project verlengde leertijd. Forum, Instituut voor Multiculturele Vraagstukken. 

Fettelaar, D, Mulder, L., Driessen, G. (2014). Ouderlijk opleidingsniveau en onderwijsachterstanden van kinderen
Veranderingen in de periode 1995-2011.
Nijmegen: ITS en Radboud Universiteit Nijmegen. 

Roeleveld, J., Ledoux, G., Karssen, M. (2014). Samenstelling van de klas en cognitieve en sociaal-emotionele uitkomsten. Kohnstamm Instituut. 

Herweijer, L., Turkenburg, M. (2016). Wikken en wegen in het Hoger Onderwijs. Over studieloopbanen en instellingsbeleid. Sociaal Cultureel Planbureau. 

 

Dit artikel verscheen in Didactief, april 2017. 

Verder lezen

1 'Nederland heeft een mooi maar star systeem'
2 Onderwijsstelsels vergeleken
3 Klaar voor de start?
4 Voor- en vroegschoolse educatie (vve)
5 Laat kleuters doorstromen
6 ‘Zittenblijven heeft negatief effect'
7 Jonge zittenblijvers
8 Achterstandenbestrijding
9 Stuur ze naar school!
10 Staatsbezoek op zomerschool
11 Zomerschool helpt tegen zittenblijven
12 Waarom lieten leerkrachten factoren als herkomst meewegen?
13 Video: waarom mislukken excellente leerlingen?
14 Excellent
15 Kort & Goed: excellente rekenaars
16 Hoogbegaafd of niet?
17 'Schaduwonderwijs is riskant'
18 ‘Verbieden is niet de oplossing’
19 Brede School Academie Utrecht breidt uit
20 Zorgvuldig adviseren zonder Cito-toets
21 Schooladvies is goede voorspeller
22 Is er iets mis met het schooladvies?
23 Schooladvies
24 Laaggeschoolde ouders eisen minder vaak hoger advies
25 Neem Eindtoets mee in schooladvies
26 Bij twijfel: opwaarts!
27 Pas op, kwetsbaar!
28 Maak brugklas breed en meerjarig
29 'Vroege' leerling dupe van Nederlands selectiesysteem
30 Doorstroomrecht vmbo naar havo
31 Mavo-leerling profiteert van late selectie
32 Motivatie in het mbo
33 Herziening gewichtenregeling
34 Meervoudig advies helpt vooruit

Click here to revoke the Cookie consent