Staatssecretaris Sander Dekker wil leerlingen uit het vmbo doorstroomrecht naar de havo geven, zo schrijft hij in de Kamerbrief ‘Doorstroom vmbo-havo’ van 11 januari 2017. Leerlingen van de gemengde en theoretische leerweg van het vmbo moeten zonder extra eisen naar de havo kunnen. Mits ze examen hebben gedaan in een extra algemeen vormend vak, zodat hun vakkenpakket aansluit op de havo. Dit doorstroomrecht zal ingaan in het schooljaar 2019/2020.
Nu is het zo dat de havo-school beslist of ze de vmbo-leerling toelaten. Hierbij gebruiken ze sinds 2012 de landelijke toelatingscode, die grenzen stelt aan de toelatingseisen van de havo voor leerlingen van het vmbo. Scholen maken op basis hiervan regionale afspraken over hun toelatingseisen en beschikbare begeleiding. Vervolgens stellen scholen hun eigen toelatingsbeleid en -criteria op. Deze kunnen verschillen tussen scholen, wat onduidelijk is voor leerlingen en ouders. Zo stellen scholen verschillende eisen aan het gemiddelde eindexamencijfer. Volgens de toelatingscode mogen ze maximaal een 6,8 als minimum gemiddeld eindexamencijfer vragen (d.w.z. een 7 als gemiddelde cijfer vragen, mag dus niet), maar dat geeft nog steeds ruimte voor de school om binnen die grens het cijfer te kiezen.
Onderzoeks- en adviesbureau Oberon onderzocht de huidige gang van zaken onder 238 leraren, decanen en directeuren van vmbo- en havo-scholen. De toelatingscode stelt verschillende grenzen aan het toelatingsbeleid. Zo moeten havo-scholen het advies van de vmbo-school meenemen in hun beslissing. 91% Van de deelnemende scholen zegt dit ook daadwerkelijk te doen. 85% van de havo-scholen stelt maximaal een 6,8 als gemiddeld eindexamencijfer als toelatingseis. Daarnaast begeleidt 46% van de vmbo-scholen leerlingen bij het oriënteren op de havo. Van de havo-scholen biedt 61% inhoudelijke ondersteuning aan vmbo-leerlingen voor de overstap naar de havo. Oberon bevroeg ook de samenwerking tussen scholen, bijvoorbeeld over het toelatingsbeleid en de begeleiding. Tussen de 50 en 60% van de scholen zegt samen te werken met een vmbo- of havo-school binnen het eigen bestuur, maar er wordt nauwelijks samengewerkt met scholen buiten het bestuur. Het onderzoek concludeert daarom dat scholen meer moeten samenwerken met andere scholen binnen de regio die niet binnen hun eigen bestuur vallen.
Over de hulp na de overstap zijn ouders en leerlingen minder positief. Als verbeterpunten dragen ouders en leerlingen aan dat ze meer en eerder informatie willen over de overstap naar de havo en dat leerlingen beter voorbereid moeten worden door bijvoorbeeld extra lessen of een extra vak in het examenjaar aan te bieden.
Vanaf 2019 zou deze regeling dus verleden tijd zijn en elke vmbo-leerling doorstroomrecht hebben. Om het doorstromen goed te laten verlopen wil Dekker ook de aansluiting tussen de curricula van het vmbo en havo aanpakken. Nu verschilt het vmbo van de havo in het aantal vakken, de vakken in het vakkenpakket en de inhoud van de vakken. Om door te kunnen stromen naar de havo, moeten leerlingen daar al in de keuze van hun vakkenpakket in het tweede jaar rekening mee houden. Ze moeten een extra algemeen vormend vak volgen om hun vakkenpakket aan te laten sluiten op de havo. Volgt een leerling op het vmbo het profiel ‘Economie’ en wil hij doorstromen naar het profiel ‘Cultuur en maatschappij’ op de havo? Dan moet hij op het vmbo het extra vak geschiedenis volgen. Een goede voorlichting door de school is hierbij erg belangrijk.
Als we kijken naar het onderzoek van Oberon onder ouders en leerlingen lijkt de grens van het tweede jaar wat te vroeg om te moeten beslissen of je als leerling naar de havo wilt doorstromen. De meeste leerlingen wisten dit volgens Oberon pas in jaar 3 of 4 (66%), zie figuur hieronder.
De VO-Raad heeft dezelfde angst. De raad pleit ervoor om eerst de aansluiting tussen het vmbo en de havo te verbeteren, omdat anders veel vmbo’ers zullen vastlopen op de havo. Bovendien vrezen zij dat door deze plannen de route naar de havo als beste wordt gezien en de route naar het mbo onterecht als minderwaardig. Het LAKS is daarentegen enthousiast over de mogelijkheden die het leerlingen biedt om hun ambitie waar te maken.
Om hun uitstroomniveau hoog te houden, verbieden veel scholen doorstromers om te blijven zitten op de havo. Dit gaat Dekker verbieden. Hij benadrukt ‘vmbo-leerlingen die zijn overgestapt naar het havo verdienen dezelfde kansen als leerlingen die via de eerdere leerjaren het havo zijn ingestroomd’.
Dekker wil vanaf augustus 2017 met schakelprogramma’s starten tussen het vmbo en de havo om de doorstroom zo snel mogelijk te versoepelen. En scholen kunnen alvast beginnen met het aanbieden van het extra algemeen vormende vak voor vmbo-leerlingen die van plan zijn door te stromen naar de havo.
Bronvermelding
- Reactie van het LAKS
- Reactie van de Vo-raad
- Ton Klein, Angela de Jong, Rianne Exalto & Jessica van der Linden, Monitor toelatingscode vmbo-gl/tl-havo, 3e meting. Oberon, 2016.
- Ton Klein, Angela de Jong, Rianne Exalto & Jessica van der Linden, Toelatingscode vmbo-havo , peiling onder ouders en leerlingen. Oberon, 2016.
- Sander Dekker, Kamerbrief doorstroom vmbo-havo. Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, januari 2017.