Onderzoek

In gesprek met ...Karen Seashore Louis

Tekst Carola Schoor
Gepubliceerd op 15-06-2018 Gewijzigd op 15-06-2018
Beeld Cynthia van Elk
​Karen Seashore Louis is een van de bekendste internationale wetenschappers op het gebied van schoolverbetering en schoolleiderschap. Ze kent Nederland goed, ze heeft er jaren gewerkt. Tijdens de AERA sprak ze met hoogleraar onderwijsleiderschap Femke Geijsel en onderwijsadviseur Rob Mioch.

Scholen moeten op zoek naar hun ‘hart’

Even voorstellen:
Karen Seashore Louis is hoogleraar schoolontwikkeling, schooleffectiviteit en leiderschap aan de universiteit van Minnesota. Zojuist is haar nieuwste boek verschenen, dat ze samen met de onderwijsprofessor Joseph F. Murphy schreef: ‘Positive Leadership’.

Een belangrijk concept in het boek is ‘caring leadership’ in scholen. Het kenmerkt zich volgens het onderzoek van Seashore Louis en Murphy door attentie, authentieke kennis van anderen, je kunnen verplaatsen in andermans motieven en wederkerigheid. En als deze eigenschappen in het leiderschap voorhanden zijn, is er meer gevoel van gezamenlijke verantwoordelijkheid onder de leraren.

Femke Geijsel is universitair hoofddocent aan de Radboud Docenten Academie (Radboud Universiteit Nijmegen) en bijzonder hoogleraar Onderwijsleiderschap aan de UvA. Deze leerstoel is ingesteld vanuit NSO-CNA Leidersacademie waaraan zij als wetenschappelijk adviseur verbonden is.

Rob Mioch is mede-eigenaar van Praktijk voor Schoolontwikkeling en docent aan de NSO-CNA Leiderschapsacademie NSO-CNA. Daarnaast is hij verbonden aan de opleiding Onderwijskunde van de Universiteit van Amsterdam. Hij bouwt in zijn werk voort op zijn jarenlange ervaring als onderwijsadviseur, docent en (interim) schoolleider.

Geijsel: ‘Opvallend is dat het in de Verenigde Staten en Canada op dit moment veel om caring en well-being van leerlingen en leraren gaat. Je kent zowel Amerika als Nederland goed. Wat kunnen wij in Nederland leren van jouw onderzoek, dat toch vooral op Amerika is gericht?’

Seashore Louis: ‘Dat structuurscheiding tussen social well-being en instruction moet worden opgeheven. In de VS hebben de meeste scholen sociaal werkers en counselors in huis. Uit mijn onderzoek blijkt dat counselors pas in actie komen als een kind problemen heeft die niet genegeerd kunnen worden. De samenwerking kan zoveel meer opleveren als er een structuur is in de school waarin leraren en counselors vast overleggen over leerlingen. Leraren krijgen zo ondersteuning in de klas en kunnen problemen in een vroeg stadium oppakken.’

Mioch: ‘In Nederland zal iedereen zeggen: well being is al onderdeel van ons werk. Het teamoverleg gaat niet alleen over prestaties, maar ook over sociale aspecten. Al is het wel meer het onderwerp voor de mentor en minder voor de vakdocent. Waarom die extra aandacht voor well-being?’

Seashore Louis: ‘Een van de dingen die mij opvalt als buitenstaander, is de zeer praktische cultuur in Nederland en de weerslag daarvan in jullie structuren. Jullie zorgen dat alles vlot en efficiënt verloopt. Je hebt “overleg” – een onvertaalbaar woord – en dat doen jullie goed: jullie nemen vlot een beslissing en dan snel weer verder. Heel praktisch. Maar er is iets wezenlijks onpraktisch aan well-being. Daar moet je ruimte voor creëren. Het moet echt als een kwestie worden ingebracht. Leerlingen zijn ongemotiveerd, niet omdat we niet goed lesgeven, maar omdat ze voelen dat zij niet echt iets voor ons betekenen.’

Mioch: ‘Dus – als ik het goed samenvat – gaat het erom het leren en onderwijzen niet te zien als een technisch probleem, met inzet van instrumenten of reparaties als het niet lekker loopt. We moeten de school zien als een omgeving waar we oprechte belangstelling hebben voor elkaar, relaties versterken en well-being bevorderen…’

Seashore Louis: ‘Precies. In scholen hebben leraren de verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van veel generaties kinderen. Wil je dat leerlingen kunnen groeien, dan is caring essentieel. Het vraagt relatie, verbinding. Dat een leerling meer voor je is dan alleen een bundeling cijfers.’

‘Dat betekent iets voor de werkcultuur. Een leraar is pas in staat om wat voor leerlingen te betekenen, als deze zelf een caring werkomgeving heeft.’

Mioch: ‘Dan heb je het ook over teacher well-being…’

Seashore Louis: ‘Inderdaad. Als leraren geen plaats hebben op de school waar het gelegitimeerd is om met elkaar te praten over wat je aan het hart gaat, dan verandert er niets. Het hangt allemaal met elkaar samen. Ik ken scholen met een werkcultuur waar leraren met elkaar problemen bespreken waar ze echt mee zitten. In het begin is dat moeilijk – het is nog lang geen gemeengoed om het daar hardop over te hebben. Na een tijdje is het oké om een probleem te hebben en te delen. Dat kost tijd.'

'Op dit moment zijn er veel zogenaamde professionele leergemeenschappen in scholen, maar wat daar aan de orde komt, blijft nog altijd heel oppervlakkig. Docenten praten daar te weinig over wat henzelf op dat moment ten diepste bezighoudt in hun werk.’

Geijsel: ‘Als er geen plek op school is waar je kunt praten over waar je echt als leraar tegenaan loopt, dan scherm je je ziel af van je professie. Dat herstellen duurt even, want eerst moet je die ziel weer terug durven inbrengen.’

Seashore Louis: ‘Ik ben getroffen door het onderwijsmodel in Ontario (Canada) waar ze spirit een centrale plaats geven. Dat moet heel oncomfortabel zijn voor de originele founders van Canada, die vanuit hun gereformeerde geloof liever afstand hielden tot emoties. Spirit sluit veel meer aan op de oorspronkelijke bewoners van Canada. Daar werkt het. Maar ieder land moet zijn eigen woord vinden. In Amerika noemen we het een caring school.”

Geijsel, hardop denkend: ‘Dat is in onze taal ook lastig zonder zweverig te worden… Misschien toch de ‘ziel’ of het ‘hart’ van de school…’

Seashore Louis: ‘Ja, dat zou heel goed kunnen. Ik heb veel tijd doorgebracht in de hoogste klassen van het voortgezet onderwijs. Dat zijn geen plekken in de VS waar je veel “hart” vindt. Veel leraren zeggen: ik ben hier om les te geven en de leerlingen zijn hier om te leren. Zelfs als leraren weten dat het niet werkt, blijven ze dat herhalen. Ze zeggen nogal eens dat ze zich niet competent voelen om aan caring te doen.’

Geijsel: ‘Het klinkt als een waarschuwing: Zorg ervoor dat het schoolklimaat in Nederland leraren energie geeft en niet uitput! Ik zie dat schoolleiders het wel proberen te verbeteren, maar ze lijken er lastig grip op te krijgen. Heb je hier gedachten over?’

Seashore: ‘Bij ons gaat het al mis in de opleiding op de universiteit. Men kijkt vooral naar schoolleiders als mensen die “resultaten” produceren. Maar een schoolleider is meer dan iemand die resultaten levert. Betere instructie geven, bijvoorbeeld, omvat óók het creëren van een betrokken omgeving waarin leerlingen zijn opgenomen.'

'Ik ken ook een school die het bijzonder goed deed. Hun leerlingen gingen lang niet allemaal naar de universiteit, verre van dat. De school droeg uit dat ze trots waren op hun leerlingen en dat zij hun leerlingen voorbereiden om geweldige volwassenen te worden. Opgewekte, productieve volwassenen. Hoe doe je dat als je alleen maar prestaties meet?’

Geijsel: 'Maar hoe kun je die schoolleiders helpen?'

Seashore Louis: ‘Wat helpt is schoolleiders met elkaar in kleine groepen hierover te laten praten. Wij zijn een mid-career instituut voor schoolleiders begonnen. We bieden mensen een jaar lang sessies aan over onderwerpen die ze zelf aandragen. Op die onderwerpen bekijken we dan samen welke kennis uit onderzoek beschikbaar is en wat ons dat zegt. En het is zo succesvol, we zijn begonnen met wat geld van de staat, maar de scholen en de schoolleiders betalen zelf ook, want het voelt goed. Ze vinden het fijn.’

Mioch: ‘Wat trekt schoolleiders om hier naartoe te gaan?’

Seashore Louis: ‘Hun werk is uitputtend en eenzaam. Onze bijeenkomsten voelen als “fun”. Het is teveel voor schoolleiders om alles allemaal zelf uit te broeden. Door de kennis die wij hebben uit onderzoek, weten wij wat ze nodig hebben in het licht van een positieve schoolcultuur.’

Geijsel: ‘Die eenzaamheid speelt ook in Nederland. En schoolleiders zijn van nature geen ‘klagers’, dat mag wellicht wat meer onderkend. Elkaar steunen is heel belangrijk, en daarmee bedoel ik niet “elkaar gelijk geven”. Juist als basis voor het samen kwetsbaar en kritisch kunnen zijn, leren, op onderzoek uit zijn en nieuwe stappen durven zetten. Hoe belangrijk is de verbinding met wetenschap in schoolleidersnetwerken?’

Dit brengt het gesprek tot slot op het belang van verbinding tussen praktijk en onderzoek. Karen Seashore Louis heeft nog altijd nauwe banden met aanpalende adviseurs en wetenschappers op gebied van schooleffectiviteit en schoolontwikkeling in Nederland. Ze is op de hoogte van de teloorgang van de landelijke begeleidingscentra in Nederland en de daarmee verbonden leerstoelen op terrein van schoolontwikkeling en leiderschap.

Seashore Louis: ‘Jullie zijn een belangrijke schakel kwijtgeraakt, want juist via die centra en door de nauwe contacten met de wetenschap kwamen er nieuwe onderzoeksvragen uit de scholen naar boven drijven.’ Ze noemt het ‘doodzonde’ dat die begeleidings- en kennisinfrastructuur er nu nauwelijks meer is. Ze spreekt dan ook aan het einde de interviewers en collega’s in Nederland moed in: Het heeft geen zin te denken dat dat terugkomt. Maar blijf zoeken naar nieuwe manieren waarop onderzoek en praktijk kunnen samenwerken. Op een manier die voor beide waardevol is.’ Schoolleidersnetwerken kunnen daartoe plaats bieden, mits daar ook het ‘hart’ besproken blijft.

Joseph F. Murphy and Karen Seashore Louis. Positive School Leadership: Building Capacity and Strengthening Relationships, Teacher College Press, Columbia University, 2018

 

Dit artikel is verschenen in Didactief, juni 2018, in een special over de AERA die is gefinancierd met steun van het NRO.

Verder lezen

1 ‘Effectiviteit zit in kleine details’
2 Onderwijs doordrenken met onderzoekskennis
3 Jongeren prikkelen tot activisme
4 De taalwereld volgens Brian Street
5 Het maak-idee van Theo
6 'Haal scholieren uit hun eigen kringetje'
7 Burgerschap voor kleuters

Click here to revoke the Cookie consent