Doorstroomtoets: onduidelijkheden, antwoorden, vragen en nog meer vragen

Tekst Martin Ooijevaar
Gepubliceerd op 18-07-2024
Het CvTE publiceerde half juli een rapportage over de eerste afname van de doorstroomtoetsen. Martin Ooijevaar, directeur onderwijs van SKOWF, reageert.

Staatssecretaris Mariëlle Paul is tevreden. De doorstroomtoets is een nog sterker instrument voor gelijke kansen dan vorig jaar. Daarnaast zijn de doorstroomtoetsen goed vergelijkbaar. Ze zijn te zien als een nulmeting. We gaan er de komende jaren mee verder, een eerste evaluatie van de huidige wet kan eind 2027.

In de kamerbrief en onderliggende rapportage van het CVTE wordt alles uitgelegd. In mijn veel bekeken posts op LinkedIn gaf ik aan benieuwd te zijn naar de verklarende analyses. Nu ze er zijn, kan een reactie niet uitblijven.

Allereerst de tevredenheid over de 75% bijgestelde adviezen. Dat punt heeft natuurlijk niet zoveel met de doorstroom toets an sich te maken. De nieuwe regel is dat een hoger toetsadvies in principe moet leiden tot een hoger schooladvies en dat hebben scholen vervolgens gedaan. Dat had met de eindtoets ook gekund. Hiermee wordt overigens door diverse partijen aangegeven dat overadvisering op de loer ligt en dat dit niet altijd in het belang van de leerling is.

Het gaat mij in dit artikel met name om de verschillen die zichtbaar zijn en die de kamerbrief en onderliggende rapportage niet wegnemen. De PO-raad had snel een reactie paraat en die onderschrijf ik in zijn geheel. De PO-raad is mijn inziens terecht verbaasd over de kamerbrief waarin staat dat doorstroomtoetsen ‘simpelweg een reflectie zijn van het feit dat niet alle scholen dezelfde scores kunnen behalen’, en stelt vast dat dat een gegeven is ‘dat aandacht verdient en dat (juist) door de doorstroomtoetsen nog beter zichtbaar is gemaakt.’ Verder zegt de PO-raad, ook terecht, dat de keuze voor meerdere aanbieders politiek ingegeven is, en niet vanuit het onderwijsveld komt. Tenslotte geeft de PO-raad aan dat het wachten tot eind 2027 te laat is en dat het al sneller anders moet.

Ik heb de rapportages gelezen en ze nog eens naast mijn overzichten en vragen gelegd die ik eerder op Linkedin had gezet en die veel gelezen zijn. Ik zie wat onduidelijkheden, heb een aantal antwoorden gekregen, maar vooral nog veel vragen. Ik zet ze even op een rij.

 

Ik begin met de onduidelijkheden:

  • Ik raak soms de weg kwijt en weet niet meer wat de juiste aantallen zijn. Dat begint al bij de aantallen scholen. In de rapportage van Leerling in Beeld zie ik dat 2718 scholen de toets hebben afgenomen, terwijl het CVTE het over 2635 scholen heeft. Dat verschil is ook zichtbaar bij Route-8 (940 tov 903 scholen). Het is mij onduidelijk wat nu de juiste gegevens zijn. Wellicht zijn er nog meer zaken die niet kloppen, die ik over het hoofd zie. Ik heb nu de gegevens overgenomen die mijns inziens kloppen.

  • In de rapportage van het CVTE worden verschillen in resultaten onder andere toegeschreven aan de mate waarin scholen voor speciaal (basis)onderwijs voor een bepaalde toets kiezen. Deze verschillen worden niet altijd duidelijk toegelicht. Een tabel met alleen de verschillen tussen de toetsresultaten van reguliere basisscholen zou zeer inzichtelijk zijn. Deze gegevens zijn voorhanden, ik heb er een aantal gevonden. Ik heb hieronder een poging gedaan de verschillen tussen de toetsen duidelijk te maken. Bij Route-8 en AMN zijn de gemiddelden alleen van reguliere scholen (100%). Bij de andere toetsen is dit niet geheel duidelijk.

  • Om de verschillen tussen de resultaten duidelijk te maken, vergelijk ik ze met historische gegevens. Bij de toetsadviezen doe ik dit met de definitieve adviezen van de afgelopen drie jaar vanuit de NCO-rapportages (dit omdat de huidige definitieve adviezen nog niet bekend zijn). Bij de referentieniveaus vergelijk ik dit met het onderwijsresultatenmodel, aangezien scholen deze gebruiken om schoolambities te stellen. Het onderwijsresultatenmodel zal wellicht worden aangepast. Over deze vergelijking die ik maak, is zeker wat af te dingen. Ik gebruik het alleen maar om de verschillen duidelijk in beeld te brengen.

 

 

Dat brengt me bij de antwoorden:

  • Digitale adaptieve toetsen worden substantieel minder goed gemaakt dan papieren toetsen.

  • De toets van LIB papier wordt substantieel beter gemaakt dan de papieren toets van IEP. Bij LIB digitaal worden ongeveer dezelfde resultaten behaald als bij IEP papier. (De digitale versie van LIB is niet adaptief).

  • Rekenen telt het zwaarst mee (0.45) bij het bepalen van het schooladvies. Omdat rekenen digitaal het slechtst wordt gemaakt, heeft dat invloed op de hoogte van het advies.

  • Er zijn grote verschillen in toetsduur, aantal vragen en niveau van vragen die leerlingen voorgeschoteld krijgen:

    • De gemiddelde toetsduur varieert van 2 uur en 21 minuten tot 4 uur.

    • Er zijn per domein 20 ankervragen. Dit zijn opgaven die in alle doorstroomtoetsen worden opgenomen om verschillen in de moeilijkheidsgraad tussen de betreffende doorstroomtoetsen vast te kunnen stellen. Niet alle leerlingen maken evenveel vragen. Bij bepaalde digitale toetsen kunnen kinderen relatief veel of weinig vragen voorgeschoteld krijgen. Dit varieert over alle toetsen heen tussen de 28 en 70 opgaven bij lezen, tussen de 18 en 67 vragen bij rekenen en tussen de 17 en 64 opgaven bij taalverzorging. Leerlingen maken dus niet altijd alle ankervragen.

 

Dat brengt me bij mijn vragen:

  • Hoe kun je vergelijkbaarheid waarborgen als er zoveel verschillen zijn in aantal voorgeschotelde vragen en toetsduur?

  • Is het realistisch om een beeld te krijgen van een behaald referentieniveau als leerlingen weinig vragen maken? IEP geeft aan dat door adaptiviteit sommige toetsdelen weinig 1F-vragen bevatten.

  • Is het te mogelijk om een gedegen toetsadvies te geven als leerlingen weinig vragen maken?

  • Hoe kan het dat taalverzorging zoveel minder wordt gemaakt dan de voorgaande jaren? Is er een probleem met taalverzorging in Nederland en moeten scholen hiermee hard aan het werk of is het louter een consequentie van de nieuwe normering?

  • Hoe kan het dat LIB papier in zijn geheel zoveel beter wordt gemaakt dan alle andere doorstroomtoetsen?

  • Stichting Cito voert de normering uit en Cito bv maakt de LIB-toets. Kan er worden aangetoond dat er geen enkele belangenverstrengeling is?

  • IEP geeft in een reactie aan de digitale toets aan te passen. Van de andere aanbieders zijn (nog) geen reacties. Wat zijn hun conclusies en eventuele aanpassingen?

 

De antwoorden van het CVTE (en IEP) geven inzicht, maar werpen ook weer nieuwe vragen op. De belangrijkste vragen stelde ik al eerder in het artikel dat verscheen in Didactief en die blijven wat mij betreft staan:  Draagt het opgetuigde systeem echt bij tot meer kansengelijkheid voor leerlingen die de overstap naar het voortgezet onderwijs maken en kan dit echt iets zeggen over de behaalde referentieniveaus? Hoe kan dit anders?

Het antwoord op de eerste vraag is voor mij alvast ‘nee’.

NB: In dit stuk gebruik ik voor de leesbaarheid de woorden ‘hoger’ en ‘beter’. Hiermee wil ik niet zeggen dat ‘hoger’ en ‘beter’ het beste voor de leerlingen is.

 

Bronnen:

Kamerbrief resultaten doorstroomtoetsen en schooladviezen 2024
https://open.overheid.nl/documenten/dpc-0561a139d0da821336bc2d38c07c2225c246b134/pdf

Terugblik normering doorstroomtoetsen 2024: https://www.tweedekamer.nl/downloads/document?id=2024D28951

Reactie PO-raad op de kamerbrief:

https://www.poraad.nl/kind-onderwijs/doorlopende-leerlijn/overgang-po-vo/kamerbrief-doorstroomtoets-neemt-onduidelijkheid

Diverse mails van toetsaanbieders met normeringen en resultaten

Onderwijsresultatenmodel:

https://www.onderwijsinspectie.nl/onderwerpen/onderwijsresultaten-primair-onderwijs/documenten/publicaties/2019/12/10/onderwijsresultatenmodel-voor-het-primair-onderwijs

reactie IEP op publicatie kamerbrief:

https://www.bureau-ice.nl/basisonderwijs/iep-doorstroomtoets/rapportage-landelijke-normering/

Artikel RTL:

https://www.rtl.nl/nieuws/artikel/5460897/kabinet-doorstroomtoets-zorgt-voor-gelijkere-kansen

 

Verder lezen:

Artikel Maarten van der Steeg:

https://nieuwleren.nl/artikel/referentieniveausvoorhetbasisonderwijs/

Blog René Kneyber:

https://renekneyber.nl/wat-ging-er-vermoedelijk-mis-met-de-doorstroomtoetsen/

Dit artikel verscheen eerder hier.

 

Verder lezen

1 Doorstroomtoetsen en referentieniveaus
2 PISA-lek is boven

Een ogenblik geduld...
Click here to revoke the Cookie consent