Hoeveel vakkennis heeft een leraar nodig?

Tekst Theo Wubbels
Gepubliceerd op 22-09-2015
Theo Wubbels - Regelmatig kunnen we een roep om meer vakkennis voor leraren horen, terwijl anderen menen dat het primaat van de inhoud in de lerarenopleiding moet liggen bij de kunst of het ambacht van het lesgeven.

De vraag naar meer vakinhoud lijkt echter te overheersen. Het niveau van de lerarenopleiding zou te laag zijn en er zou te veel aandacht zijn voor pedagogiek, onderwijskunde en reflecteren. Afgestudeerden van de pabo zouden zelf niet kunnen rekenen en spellen en bijvoorbeeld de afgestudeerden van de lerarenopleidingen voortgezet onderwijs in de talen zouden zelf te weinig boeken lezen of gelezen hebben.


Er zijn al oplossingen te over aangedragen en sommige in de praktijk gebracht. Taal- en rekentoetsen voor de pabo zijn ingevoerd en voor vrijwel alle lerarenopleidingen zijn kennisbases geformuleerd: wat de afgestudeerden in ieder geval zouden moeten weten om adequaat in het onderwijs te functioneren. De inhoud van die kennisbases oogt vaak niet ambitieus. Ze lijkt op een zo laag mogelijk niveau geformuleerd te zijn en dat is wel begrijpelijk. Er is geen enkele harde maatstaf voor de hoeveelheid vakkennis die een leraar nodig heeft om goed onderwijs over een onderwerp te verzorgen. Dat geldt voor het rekenen en lezen op de basisschool, voor houtbewerking, verzorging en autotechniek in het mbo tot en met literatuurbeschouwing en kwantummechanica op het vwo.

Nog veel ingewikkelder is de vraag wat in het voortgezet onderwijs nodig is voor het adequaat kunnen onderwijzen van een heel schoolvak. Aan de universiteiten is deze vraag actueel omdat steeds meer universitaire studierichtingen niet één-op-één aansluiten bij de vakken in het voortgezet onderwijs. Terwijl je toch niet moet uitsluiten dat iemand met een aan een schoolvak verwante opleiding uit het wetenschappelijk onderwijs in de school uit de voeten zou kunnen. Wat zou een journalist nog moeten weten om Nederlands te kunnen geven of een bouwkundig ingenieur voor wiskunde? Een minimumindicatie zou kunnen zijn dat leraren moeten weten en kunnen wat zijn of haar leerlingen moeten gaan leren. Hoewel, moeten ze dat per se al weten als ze van de opleiding komen? Of is het voldoende als ze zich dat snel eigen kunnen maken?

Uit onderzoek weten we dat de hoeveelheid vakkennis van leraren maar een beperkte voorspellende waarde heeft voor de kwaliteit van het onderwijs dat ze verzorgen. Dat betekent niet dat vakkennis onbelangrijk is, maar wel dat ze geïsoleerd van het goed kunnen onderwijzen weinig betekenis heeft. Didactische vaardigheden zijn wat sterker verbonden met onderwijskwaliteit, maar dat betekent ook weer niet dat de vakkennis onbelangrijk is: zonder die vakkennis heeft de didactiek geen enkel nut, want de didactiek van het leren van een onderwerp of vak is sterk gebonden aan en zelfs specifiek voor de inhoud.

Het bovenstaande is geen pleidooi voor meer of minder vakkennis in de lerarenopleiding, maar een waarschuwing dat wat er over beweerd wordt meer op meningen en vooral ook traditie dan op feiten is gebaseerd. Helaas we weten gewoon niet hoeveel vakkennis een leraar nodig heeft.

Theo Wubbels is emeritus hoogleraar Onderwijswetenschappen. 

Lees in het oktobernummer 2015 wat Roeland van der Rijst, Marco Snoek en Jan van Driel schrijven over instroom en selectie aan de lerarenopleidingen op basis van nieuw onderzoek.

 

Een ogenblik geduld...
Click here to revoke the Cookie consent