Taal is meer

Tekst Caroline Wisse-Weldam
Gepubliceerd op 12-10-2016
Caroline Wisse-Weldam - Taal doet meer. Echt. Via taal geef je aan wat je denkt, wat je voelt, geef je instructies, liefkozingen, straf. Je kunt taalgrapjes maken en om taalfoutjes lachen.

´Taal doet meer’ is ook een organisatie die er met ruim 600 vrijwilligers voor zorgt dat Utrechters kunnen meedoen in de samenleving. Mensen die het Nederlands niet als moedertaal hebben, worden gecoacht. Risicoleerlingen in het vo krijgen ondersteuning van mentoren en huiswerkbegeleiders. Deze taalmentoren helpen het begrijpend lezen en de woordenschat te verbeteren en voorlezers stimuleren plezier in lezen en leren.

Twee jaar geleden ben ik in deze organisatie binnengerold. Nu geef ik af en toe een training aan de mentoren en huiswerkbegeleiders van de jongeren. Een ongelofelijk dankbare taak. Naast een drukke baan en eigen gezin geven deze vrijwilligers middelbare scholieren een steuntje in de rug.

Tijdens de training praten we over het contact met deze jongeren, de verbintenis tussen mentor en jongere, welke werkvormen er zijn om de woordenschat te vergroten, dat je dit kunt koppelen aan de interesses van de jongeren. Houden mentor en jongere van koken? Bak een taart en gebruik het kookboek voor de nieuwe woorden. Zijn jullie sporters? Ga basketballen en richt je op een themawoordveld rondom dit sporten.

Mijn grootste tip is en blijft: ga (voor)lezen. De meeste vrijwilligers vinden dit heel leuk en logisch, maar ook moeilijk. Welke boeken kun je dan tippen? Ik neem altijd een grote stapel boeken mee. Het raakt me als ik de motivatie zie waarmee deze mentoren zich willen onderdompelen in de leefwereld van jongeren, ook al staat deze soms ver van die van hen. Ik tip de sites Leesplein, Lezen voor de Lijst en de Jonge Jury.

Eind oktober geef ik weer een training. Christopher Blok, een bekend woordkunstenaar, en ik werken samen. Christopher is één grote bonk taal. Hoe hij met taal speelt, is ongelofelijk. Hij inspireert, motiveert, doceert. We hebben een grote klik en genieten dan ook volop van onze samenwerking. Dit heeft al geresulteerd in een cursus woordkunst die we gemaakt hebben voor de lesmethode PLOT26 en waarin we literatuur vergelijken met hiphop. De leerlingen onderzoeken en maken poëzie aan de hand van de geschiedenis, stijlfiguren, rijmsoorten, songteksten en toespraken.

Talenfestival

Afgelopen week was in de Jaarbeurs het DRONGO talenfestival. Taal was het middelpunt en de verbinding tussen alle organisaties, workshops en bezoekers. Samen met schrijfster en journaliste Natasza Tardio (onder meer bekend van de YA-boeken Moordvrienden, Onzichtbaar en Meedogenloos) verzorgde ik de workshop Lezen is leuk! En leuk was het. Door een discussie tussen Natasza en mij hebben we de verschillende perspectieven op lezen en creatief schrijven laten zien. Hoe boeken je identiteit weergeven en laten onderzoeken. Of je een boek moet uitlezen of dat je het na 20 bladzijden mag wegleggen. Hoe je van bestaande teksten nieuwe teksten kunt maken die passen bij jouw leesvoorkeur. Het publiek was divers, net zoals taal divers is. Maar door dezelfde taalpassie was het heel knus.

Taalpilot

En net krijg ik te horen dat ik op school mijn taalpilot mag gaan doen. Na anderhalf jaar is het er door. Blijer kun je mij op dit moment niet treffen. Samen met een collega Nederlands en een wiskundedocent onderzoek ik in mavo 3 en mavo 4 wat de invloed van de omgeving is op de leesmotivatie en leerresultaten van de leerling. Wat gebeurt er als het eigenaarschap bij de leerling ligt? Resulteert dit in een schoner lokaal? En wat voor invloed heeft de omgeving  op het lesgeven en de inspiratie van de docent? De instructie is bijna af, controlegroepen staan paraat, meubels zijn uitgezocht. En de leerlingen? Die zijn dolenthousiast. Ze willen allemaal (echt allemaal) in een werkgroep. Daar gaan we nu voor zorgen. En elke werkgroep krijgt taaltaken. Wat fantastisch toch om zo onderwijs te mogen maken.

Verdriet

Maar wat breekt mijn hart als ik dan thuis een jongetje heb zitten dat op zijn basisschool niet genoeg uitgedaagd wordt. Hij wil leren, meer met taal doen. Hij maakt taalgrapjes, maar hij heeft alleen volwassenen met wie hij daar om kan lachen. En hij schaamt zich, want hij is de enige in de klas die het taalpluswerk leuk vindt.

Taal is meer. Taal is plus. Taal is uitdagen. Taal is lachen en huilen. Taal is leren en leven. Taal is dus echt meer.

 

Een ogenblik geduld...
Click here to revoke the Cookie consent