Nieuws

Tweede Kamerleden ontvangen Didactief-special over OnderwijsBewijs

Tekst redactie
Gepubliceerd op 06-12-2016
Overheidsprogramma OnderwijsBewijs wordt dit jaar afgerond, en daarom is het tijd om de Tweede Kamer te informeren over de resultaten. Dat doen minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker via een brief én een exemplaar van Didactief.

In 2014 wijdde Didactief een special aan het overheidsprogramma OnderwijsBewijs. In die special werd een aantal experimenten uitgelicht en vertelden deelnemende docenten en schoolleiders wat het betekent deel te nemen aan een experimenteel onderwijsonderzoek. OnderwijsBewijs wordt dit jaar afgerond, en daarom is het tijd om de Tweede Kamer te informeren over de resultaten van het programma. Dat doen minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker via een brief én een exemplaar van Didactief.

Onderwijs Bewijs

In het verleden zijn in het onderwijs op grote schaal onderwijsvernieuwingen doorgevoerd waarvan het effect wetenschappelijk niet was vastgesteld. Denk aan het Studiehuis, waar de nadruk ligt op zelfstandig werken, de Tweede Fase die de vakkenpakketten transformeerde in profielen en het vmbo dat lager beroepsonderwijs en mavo samenvoegde. Zo’n vernieuwing werd wel uitgeprobeerd op pilotscholen, maar de efficiëntie werd niet wetenschappelijk vastgesteld. Het feit dat de pilotscholen enthousiast waren en het ´leuk´ vonden leek voldoende. Geen goed idee, concludeerde de commissie Dijsselbloem in 2008 na een onderzoek naar onderwijsvernieuwingen sinds de jaren negentig. OnderwijsBewijs is voortgevloeid uit dit parlementaire rapport: eerst bewijzen dat een vernieuwing het werkt, dan pas invoeren op grote schaal.

Hoe kunnen we beginnende docenten behouden voor het onderwijs?

Eén van de onderzoeken, uitgevoerd door de universitaire lerarenopleiding in Groningen en uitgelicht in Didactief, was gericht op het inwerken van beginnende leerkrachten. De hoofdvraag was: Hoe kunnen we de uitval verminderen en beginnende docenten behouden voor het onderwijs? Voor het onderzoek werd een driejarig inwerkprogramma ontwikkeld, dat is getest op 34 scholen. Daarbij werd de werkdruk van beginners verminderd, bijvoorbeeld door ze parallelklassen te laten draaien. Zo kunnen ze één les meer keren geven, en dat scheelt veel voorbereidingstijd. De beginners werden goed wegwijs gemaakt in de schoolcultuur, bijvoorbeeld in de regels rond het gebruik van mobieltjes. Ook werd drie jaar lang aan hun professionele ontwikkeling gewerkt met observaties, coaching en ontwikkelplannen. Naast de experimentgroep was er een controlegroep van 28 scholen. Die bleven gewoon hun eigen, al bestaande inwerkprogramma´s draaien. En die programma´s waren doorgaans minder uitgebreid dan het inwerkprogramma van de onderzoekers.

Ruimte voor verbetering

De belangrijkste conclusie van het onderzoek is dat al die begeleiding zeker effect heeft. Beginners ontwikkelen zich sneller, voelen zich beter voor de klas en verlaten minder snel het onderwijs. Het effect is wel zwakker dan de onderzoekers hadden gehoopt. Michelle Helms-Lorenz, projectleider: ‘Blijkbaar is er ruimte voor verbetering. Dat gaan we ook proberen in een vervolgproject. Het mooie van goed wetenschappelijk onderzoek, met een controlegroep, is dat je echt de relatie tussen oorzaak en gevolg in beeld kunt brengen. Zo krijg je duidelijke resultaten en weet je wat écht werkt. Ik ben er fan van.’

De special OnderwijsBewijs is gratis beschikbaar op www.didactiefonline.nl

De brief van minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker vind je hier.

Verder lezen

1 OnderwijsBewijs

Click here to revoke the Cookie consent