Het is rustig op het stadhuis van Katwijk, op een groep van zes kinderen na die op gele plastic stoelen aan een lange lunchtafel zitten. Deze leerlingen van groep 6, 7 en 8 van de Mr. J. J. L. van der Brugghenschool zitten in de leerlingenraad en vergaderen vandaag op het stadhuis. Bram en Joey (beiden 11 jaar) namen het initiatief voor de raad omdat ze leukere lessen wilden en meer proefjes. ‘En kunstgras op het schoolplein!’
Een ambtenaar leidt hen naar de kamer van het college van B&W. ‘Welke punten willen jullie bespreken?’ vraagt voorzitter Bram. ‘De kapstokken en misschien nog de sporthallen.’ Secretaris Marit (9 jaar) noteert het in haar schriftje. Eerste punt van discussie zijn de schoolpleinen, welke klas mag er wanneer spelen? Marit heeft een oplossing: ‘Als groep 5 en 6 eerst op het plein spelen, dan houden wij later pauze.’ Daarnaast maken ze zich zorgen over hitte in de lokalen: ‘Als het zomer wordt, willen we al een oplossing hebben.’ Kunnen er airco’s komen of meer buitenlessen? De directeur prijst hun vooruitzicht. Maar heeft iemand eerder buiten les gehad? ‘Ja, fietsles,’ zegt Jasmijn (11 jaar).
Inmiddels is ook wethouder Jacco Knape aangeschoven. Desgevraagd belooft hij te overwegen om minder saaie speeltuinen te laten bouwen. Dan besluit voorzitter Bram de vergadering met een korte tik van de hamer, geleend uit de trouwzaal. Met tegenzin keert de raad schoolwaarts, maar niet voordat ze de burgemeester en de raadzaal bezocht hebben.

Je verplaatsen in een ander
De leerlingenraad, actief sinds de herfstvakantie, is slechts een van de onderdelen van burgerschap op de Van der Brugghenschool. Het team stelde een lijst van onderwerpen op die standaard in het curriculum zitten, zoals Bijbelverhalen lezen, afval prikken in de wijk en klusjes doen in de klas, en toetste deze aan de doelen burgerschap.
‘Ik probeer dingen uit
het nieuws te vertalen
naar het echte leven’
Leraren vullen de lijst burgerschapsonderwerpen aan met eigen ervaringen. ‘Bijvoorbeeld als iemand iets op straat gooit, dan vraag ik wat de gevolgen zijn voor de aarde als iedereen dat zou doen,’ vertelt De Bie. Ook kijken ze wat er op school leeft. Toen kinderen een pornofilmpje ontvingen via Snapchat, bespraken ze dat in de klas. ‘Kan je bij je ouders terecht, of ben je bang dat je straf krijgt?’ Naast de leerlingenraad, hebben kinderen op meer manieren invloed op burgerschapsonderwijs. Zo dacht elke klas na over gedragsregels (‘Wij sluiten niemand buiten’) en zette iedereen daar een handtekening onder.
Het onderdeel ‘leren over andere culturen’ krijgt dit schooljaar wel een heel praktische invulling. Een leerling die gevlucht is uit Jemen en aan de ramadan deed, krijgt veel belangstelling. De Bie: ‘Hij vertelde dat je door het vasten, voelt hoe het is om arm te zijn. Andere kinderen wilden meedoen, om hem te steunen.’ Kuijt vult aan: ‘De vooroordelen over mensen die anders zijn dan jij vallen dan weg.’
Coördinator burgerschap
Je leren verplaatsen in een ander, groepsgevoel stimuleren, verantwoordelijkheid nemen: ook directeur Walter Wassenaar vindt dit essentiële onderdelen van burgerschap. Hij ziet de school als een veilige oefenplaats voor de maatschappij en burgerschap als basisvaardigheid. ‘We hebben ons te verhouden tot de veranderende wereld, die moeten we de school in trekken.’ Toen leerlingen hem vroegen een leerlingenraad op te richten, aarzelde hij niet. ‘De democratische beginselen bijbrengen is een belangrijk onderdeel van burgerschap. Ze leren zo te benoemen waar ze mee zitten, voelen zich verantwoordelijk en worden mondiger. En je creëert gemeenschapsgevoel.’
Met tegenzin keert
de raad schoolwaarts
Op de achtergrond sluiten kinderen de dag ondertussen zingend af: ‘Heer wij gaan nu weer naar huis toe, deze dag is weer voorbij. Samen willen wij u danken, want u zorgt zo goed voor mij. Amen.’
Dit artikel verscheen in de OCW-special burgerschapsonderwijs van Didactief, mei 2023.