Onderzoek

Beter carrièreperspectief: oplossing voor het lerarentekort?

Tekst Kirsten de Boer
Gepubliceerd op 11-09-2018 Gewijzigd op 11-09-2018
Beeld Human Touch Photography
Op 12 september zal het basisonderwijs in Zuid-Holland en Zeeland naar verwachting staken voor hogere lonen en minder werkdruk. Het ministerie zoekt de oplossing voor de arbeidsmarktproblemen vooralsnog in een beter carrièreperspectief.

Dat het lerarentekort een steeds nijpender probleem is, moge duidelijk zijn. Onlangs werd besloten dat zelfs ambtenaren in Amsterdam moeten worden ingezet om het gebrek aan leraren op te vangen. Het ministerie van Onderwijs kwam al in 2017 met een plan van aanpak om het lerarentekort landelijk te verhelpen. Het focust op zes punten: verhoging van de in-, door- en uitstroom van de lerarenopleidingen, meer zij-instromers, behoud van leraren, activering van de stille reserve, een beter belonings- en carrièreperspectief en meer innovatie.

OCW verwacht veel van een beter carrièreperspectief voor leraren. Het ministerie besteedde hier eerder al aandacht aan in het project ‘Een beroepsbeeld voor de leraar’. Gezamenlijk met schoolbesturen en lerarenopleidingen werd nagedacht over doorlopende leer- en ontwikkellijnen voor leraren. Het resulteerde in een publicatie met daarin aandacht voor diverse beroepsperspectieven voor leraren.

Maar wat zijn de mogelijkheden voor leraren om door te groeien in de praktijk, wat zijn hun wensen eigenlijk en wat is er nodig om de loopbaanpaden van leraren te verbeteren? Om deze vragen te beantwoorden heeft Berenschot in opdracht van OCW een onderzoek uitgevoerd onder leraren, schoolleiders, schoolbestuurders en HRM-managers, gecombineerd met een uitgebreid literatuuronderzoek.

Conclusie van Berenschot is dat er nog veel moet gebeuren. Het carrièreperspectief van leerkrachten is over het algemeen beperkt. De meeste loopbaanpaden lijken te zijn ontstaan door toeval of persoonlijke ambities van de leraar. Leraren zelf willen daarom meer duidelijkheid over de taken, mogelijkheden en vertalingen hiervan in salarisschalen. Niet alleen leerkrachten vinden het perfectief beperkt, ook schoolleiders hebben het gevoel dat zij hun leerkrachten onvoldoende kunnen bieden. Leerkrachten hebben er behoefte aan om de mogelijke rollen en loopbaanpaden binnen het primair onderwijs vast te leggen in landelijke kaders: globale beschrijvingen, die helpen om erkenning te krijgen van de directie en als basis kunnen dienen voor heldere afspraken omtrent de functie. De precieze invulling zou vervolgens door de scholen zelf bepaald moeten worden.

Op basis van het onderzoek geeft Berenschot een zestal aanbevelingen voor de praktijk:

  • Creëer een rollenkader. Geef inzicht in welke rollen leraren naast het lesgeven kunnen vervullen en welke carrièreperspectieven deze kunnen bieden. Denk hierbij aan taalspecialist binnen de school, bouwcoördinator, ICT-coördinator, intern begeleider, etc.

  • Versterk het HRM-beleid. Het is belangrijk een goede gesprekscyclus te hebben binnen de school of het bestuur en het gesprek aan te gaan over de ontwikkeling van de leerkracht.

  • Werk aan regionale netwerken van leerkrachten die dezelfde rollen uitvoeren. Op deze manier kunnen zij ervaringen delen en overleggen en kan intervisie plaatsvinden.

  • Besteed meer aandacht aan carrièreperspectief in de lerarenopleidingen, maar ook in de opleidingen voor schoolleiders. Laat leraren kennismaken met de verschillende rollen die zij binnen een school uit kunnen voeren, maar ook met de beleidsmatige taken bij bijvoorbeeld gemeente of in het schoolbestuur.

  • Help scholen en schoolbesturen die er nog niet in slagen genoeg loopbaanmogelijkheden te bieden. Hierbij gaat het niet enkel om het bieden van extra middelen, maar vooral ook om het bieden van voorbeelden. Denk hierbij aan onderlinge consultatie, symposia of voorlichtingen.

  • Laat leerkrachten eigen regie nemen over hun carrière. Een schoolbestuur of directie kan dit stimuleren door het gesprek aan te gaan over talenten en drijfveren, lerarenopleidingen door studenten gespreksvaardigheden en kennis van cao en de rechten van de leerkracht bij te brengen.

Voorlopig is het lerarentekort nog behoorlijk groot. Volgens Lerarentekortisnu.nl ontbraken er begin september nog ruim tweehonderd leraren, wat betekende dat 5282 leerlingen nog geen leraar hadden.

Het ministerie heeft nog niet gereageerd op het Berenschot-rapport, maar in een nieuwe kamerbrief werden al wel extra maatregelen besproken om het lerarentekort tegen te gaan: (verkorte) deeltijders met een achtergrond in het hoger onderwijs mogen al tijdens hun studie betaald voor de klas, en onderwijsassistenten worden door OCW en hun schoolbestuur geholpen in het bekostigen van hun pabostudie.

Ontoereikend, vindt het platform POinActie, geleid door Jan van de Ven en Thijs Roovers. . Zij hoopt op 12 september met de nieuwe staking in Zuid-Holland en Zeeland druk op de ketel te zetten én met een landelijke staking van álle overheidsdiensten op 2 oktober.

Meer lezen?

Lees hier het onderzoeksrapport van Berenschot.

Lees hier de kamerbrief uit 2017 met het plan van aanpak voor het lerarentekort.

Lees hier de nieuwe kamerbrief over extra acties tegen het lerarentekort.

 

Verder lezen

1 Hoger salaris is oplossing voor lerarentekort

Click here to revoke the Cookie consent