In 1999 werden de onderste twee tracks van het voortgezet onderwijs, vbo en mavo, samengevoegd tot vmbo. Met als gevolg dat aanstaande mavo-klanten ineens niet meer op de op-een-na-laagste, maar de onderste sport van het onderwijssysteem zouden belanden. Dat heeft hun scores op de eindtoets beïnvloed, blijkt uit onderzoek van Esmée Zwiers.
Dat heeft alles te maken met wat in de psychologie de weerzin tegen de laatste plek heet. Een herkenbaar voorbeeld van dit mechanisme: als je ontdekt dat je minder verdient dan je collega’s, word je minder tevreden over je werk. Dit is mede reden waarom het vmbo een slecht imago (‘afvoerputje’) kreeg. Sommige ouders doen er alles aan om hun kind daar weg te houden, van...
Benieuwd naar de rest van het artikel?
Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.