Onderzoek

Leeskilometers met e-boeken

Tekst Maria Sikkema- de Jong, Deborah van Duijn & Kirsten Dol
Gepubliceerd op 27-01-2017 Gewijzigd op 27-01-2017
E-boeken met een digitale voorleesstem helpen zwakke lezers in groep 3 om vlotter te lezen, vooral als de tekst gelijktijdig met het voorlezen oplicht.

Zoals Dafne Schippers elke dag moet trainen om de beste sprintster ter wereld te worden, zijn dagelijkse leesoefeningen vereist om vloeiend te leren lezen. Maar anders dan bij topsport, moeten álle kinderen ‘toplezers’ worden om zich te kunnen redden op school en in de maatschappij.

Om vloeiend te leren lezen moeten kinderen ‘leeskilometers’ maken. Voor kinderen met talent kost lezen weinig moeite en is trainen meestal plezierig. Dat geldt niet voor kinderen met weinig geletterde bagage. De eerste boekjes die kinderen zelfstandig lezen zijn eenvoudig en kennen veel herhaling waardoor aan het verhaaltje vaak weinig plezier te beleven is. Vooral bij zwakke lezers bestaat het gevaar dat zij hun motivatie verliezen en lang moeten oefenen met verhaaltjes die qua inhoud niet uitdagend zijn. Het risico is groot dat het aantal leeskilometers afneemt, terwijl deze kinderen juist extra kilometers moeten maken om het ultieme doel te bereiken: een vloeiende lezer worden die begrijpt wat hij leest.

Voor leerkrachten in groep 3 is het realiseren van extra leeskilometers een uitdaging, omdat zwakke lezers veel begeleiding nodig hebben bij het oefenen. Het trekt een zware wissel op de tijd die een leerkracht kan besteden aan individuele begeleiding. E-boeken kunnen een uitkomst zijn, blijkt uit onderzoek van de Universiteit Leiden.

Het gaat om e-boeken die naast geschreven ook gesproken tekst bevatten: synchroon met het voorlezen door de computerstem licht de geschreven tekst op. Lezen wordt ‘meelezen’ waardoor beginnende lezers met meer gemak zelfstandig boeken kunnen lezen. Kinderen stopen niet direct met lezen als ze een woord nog niet kunnen ontcijferen, omdat het verhaal wordt voorgelezen. Zo is het mogelijk uitdagender verhalen aan te bieden, wat de leesmotivatie stimuleert.

Het onderzoek

In het schooljaar 2015-2016 werden 188 kinderen uit 38 groepen 3 verdeeld over 28 scholen in het onderzoek gevolgd. Er waren drie willekeurig samengestelde onderzoeksgroepen: 63 kinderen lazen e-boeken met oplichtende tekst, 68 zonder oplichtende tekst en 57 kinderen zaten in een controlegroep (zij volgden uitsluitend het reguliere onderwijs). Voorafgaand en aan het eind van het onderzoek werden alle kinderen getest op woordbegrip, leesvaardigheid en woordspecifieke kennis (spelling en ‘woordketting’, woorden herkennen in een reeks waar de spaties zijn weggelaten zoals in ‘truiraarregen’).

De leerlingen in de eerste twee groepen lazen gedurende 24 weken vier keer in de week digitale boeken op door de leerkracht bepaalde momenten. Een leessessie duurde ongeveer vijf minuten. Van elk kind werd op een leeskaart met boektitels bijgehouden welk boek de leerling gelezen had. Als een boek uit was, plakte de leerkracht een sticker achter de boektitel bij wijze van beloning.

Succes voor zwakke lezers

lezen op de computerDe beginniveaus verschilden aanzienlijk en daar is bij de analyses van de resultaten rekening mee gehouden. Alle kinderen profiteerden van het oefenen met digitale boekjes, maar vooral zwakke lezers (kinderen met een D- of E-score op de drieminutentoets midden groep 3). Zij waren meer vooruit gegaan in het lezen van woordjes zonder context dan kinderen in de controlegroep.

Oefenen met e-boeken waarin de tekst oplichtte, was effectiever dan oefenen met boeken zonder oplichtende tekst. Dat gold ook voor vloeiend lezen: kinderen gingen zes (woordjes lezen) en tien woordjes (vloeiend lezen) meer vooruit dan in de situatie zonder oplichten. Er was geen verschil op testen voor woordspecifieke kennis en begrip. Mogelijk was dit anders geweest als de e-boeken moeilijkere woorden hadden bevat.

De resultaten ondersteunen ons vermoeden: extra oefenen met digitale boeken waarin de tekst oplicht synchroon met het voorlezen, helpt zwakke lezers om een betere lezer te worden.

Enthousiaste reacties

Kinderen waren positief over het lezen van de digitale verhalen. Enkele reacties: ‘Door het kleurtje over de woorden weet je waar je bent, dat is handig’ en ‘Je hoeft geen bladzijdes om te slaan!’. Sommige kinderen vonden het prettig dat de computer de moeilijke woorden voorlas en dat ze hardop konden meelezen als ze dat wilden.

Ook leerkrachten waren positief: ‘Leren lezen gaat het snelst door veel te oefenen. Digitale boeken kunnen een waardevolle aanvulling zijn en leerlingen extra motiveren. De oplichtende tekst prikkelt kinderen om daadwerkelijk mee te lezen. Kinderen die misschien niet zo gemotiveerd waren, zie je ineens enthousiast worden.’

Voor het realiseren van extra leeskilometers met e-boeken hoeven leerkrachten geen ingewikkelde didactiek toe te passen. Het gemiddeld percentage gerealiseerde leessessies was met 92% dan ook hoog. De dagelijkse leestrainingen waren simpel uit te voeren. Slechts bij vier groepen 3 was het niet gelukt om alle 24 geselecteerde e-boeken te lezen en wel vanwege ziekte, vakantie of niet-werkende computers.

Welke e-boeken?

Waar moet je op letten bij het kiezen van e-boeken? Onderzoeker Maria Sikkema-de Jong maakte hiervoor een praktische lesbrief op basis van wetenschappelijk onderzoek. Enkele tips:

  • Kies e-boeken waarbij de tekst oplicht. Kinderen kunnen zo meelezen met de voorgelezen tekst en het verhaal makkelijker volgen.

  • Kies e-boeken met multimedia zoals inzoomen, achtergrondmuziek en illustraties die het verhaal ondersteunen, maar die geen afleiding vormen.

  • Gebruik geen e-boeken met afleidende hotspots. Hotspots zijn misschien leuk om op te klikken, maar nemen de aandacht van het lezen weg en helpen niet bij het begrijpen van het verhaal.

Meer weten? Vraag de lesbrief op bij Maria Sikkema-de Jong via jongtm@fsw.leidenuniv.nl.

Voordelen e-boeken met een voorleesstem

  • Zwakke lezers kunnen makkelijker zelfstandig (ook thuis) lezen en zo extra leeskilometers maken.

  • Leerlingen kunnen teksten ‘meelezen’ die eigenlijk boven hun leesniveau liggen.

  • Meer variatie tijdens de leesles. Toon bijvoorbeeld een digitaal boek op het digibord voor een pakkende lesopening.

  • Maria Sikkema-de Jong, Leesvaardig door digitale leeskilometers in groep 3: Differentiatie door inzet van ict. Universiteit Leiden/NRO, 2016. Kijk hier voor een kennisclip over het onderzoek.

    Dit artikel verscheen in het januari/februarinummer van Didactief, 2017.

    Bronvermelding

    1 NRO pagina van het project