Onderzoek

Groepsleren van leraren in kaart met DSL

Tekst Emmy Vrieling-Teunter & Iwan Wopereis
Gepubliceerd op 03-02-2020 Gewijzigd op 03-02-2020
Steeds meer leraren zijn actief om samen hun onderwijs te verbeteren. De Open Universiteit ontwikkelde de Dimensies van Sociaal Leren (DSL) Vragenlijst om de samenwerking te ondersteunen. Streeft iedereen nog hetzelfde doel na bijvoorbeeld?

Het leren in een groep, ofwel ‘sociaal leren’, gaat niet vanzelf. Het vraagt om een gedeelde sturing van leren, hetgeen lastig is (Panadora & Järvelä, 2015). Om ‘sociaal leren’ in een lerarengroep op gang te brengen en te laten slagen is enige hulp gewenst. We noemen deze hulp ook wel facilitering. Voor dit doel ontwikkelden we het DSL Raamwerk.
Uit een literatuurstudie (Vrieling, Van den Beemt, & De Laat, 2016)  distilleerden we de drie belangrijke vormen van sociaal leren, namelijk netwerkleren, teamleren en community-leren. We kwamen tot een raamwerk met vier dimensies (praktijk, domein- en waardencreatie, verbondenheid en organisatie) en elf onderliggende factoren van sociaal leren zoals in Tabel 1 is weergegeven. De indicatoren bij elkaar noemen we de ‘sociale configuratie’ van de groep.

Tabel 1.  Dimensies en Indicatoren van Sociaal Leren

1. Praktijk 
1a. In welke mate richt de groep zich op speciale gebeurtenissen of worden de groepsactiviteiten in het dagelijkse werk geïntegreerd?
1b. In welke mate laat de groep tijdelijke of permanente sociale activiteiten zien?

2. Domein & Waardecreatie 
2a. In welke mate richt de groep zich op het uitwisselen of verbreden/verdiepen van kennis en vaardigheden?
2b. In welke mate ervaart de groep waardecreatie individueel of gezamenlijk?

3. Verbondenheid 
3a: In welke mate zien de deelnemers elkaar als kennissen of laten ze een gedeelde identiteit zien?
3b: In welke mate laat de groep sterke of zwakke relaties zien?
3c: In welke mate zien de deelnemers elkaar als taakuitvoerders of kenniswerkers?

4. Organisatie
4a: In welke mate wordt de groep extern aangestuurd of ligt de organisatie binnen de groep zelf?
4b: In welke mate laat de groep lokale of globale activiteiten zien?
4c: In welke mate laat de groep hiërarchische of gelijkwaardige relaties zien?
4d: In welke mate laat de groep gedeelde of niet gedeelde interactienormen zien?

 

De elf indicatoren zijn als het ware ‘schuifjes’, passend bij de doelen van de groep. Door de positie van deze ‘schuifjes’ te analyseren en de resultaten terug te koppelen naar de groepsleden kan worden bepaald of de positie overeenstemt met de ambities en gestelde doelen in de groep. Een groep kan bijvoorbeeld tot de conclusie komen dat het nog geen beroep doet op kennis van experts (indicator 3b, zwakke relaties) en met elkaar bediscussiëren of dit, gezien de groepsdoelen, wel of niet wenselijk is. Het continu kritisch zoeken naar de gewenste sociale configuratie binnen de groep maakt dat de groepsleden zich (professioneel) kunnen blijven ontwikkelen.

Voor gebruik in de praktijk hebben we het raamwerk verder ontwikkeld in de vorm van observatiecriteria (zie Tabel 2) en uiteindelijk een gebruikersvriendelijke vragenlijst. Deze is in de periode tussen september 2014 en oktober 2018 ingevuld door 182 leraren.

 

Tabel 2. Observatiecriteria voor de Dimensie ‘Praktijk’

Dimensie

Indicator

Observatiecriteria

Praktijk

Geïntegreerde of niet geïntegreerde activiteiten

Afspraken over het uitproberen van ontwikkeld materiaal in de eigen praktijk

Bespreking van praktijkervaringen met door het leernetwerk ontwikkeld materiaal

Tijdelijke of permanente activiteiten

Beschrijving van korte en lange termijn doelen

Relaties tussen groepsdoelen en leeractiviteiten

 

De huidige versie van de DSL Vragenlijst bevat 30 items, verdeeld in 4 schalen: praktijk (7 items), waardecreatie (5 items), verbondenheid (8 items) en organisatie (10 items). Invullen duurt ongeveer tien minuten. Tabel 3 laat de items zien bij de dimensie praktijk.

 

Tabel 3. Items Dimensie ‘Praktijk’

Dimensie

Indicatoren

Items

Praktijk

 

Geïntegreerde of niet geïntegreerde activiteiten

1.Afspraken over het uitproberen van ontwikkeld materiaal in de eigen praktijk

 

 

2.Bespreking van praktijkervaringen met door het leernetwerk ontwikkeld materiaal

 

 

3.Integratie van door het leernetwerk ontwikkeld materiaal in de lokale groepspraktijk (eigen klas, school, bestuur)

 

 

4.Integratie van door het leernetwerk ontwikkeld materiaal in scholen buiten het eigen bestuur.

 

Tijdelijke of permanente activiteiten

5.Gesprek over korte en lange termijn groepsdoelen

 

 

6.Beschrijving van korte en lange termijn groepsdoelen

 

 

7.Relaties tussen netwerkactiviteiten en korte/lange termijn groepsdoelen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Uit nader onderzoek blijkt dat dat de dimensies Praktijk (P) en Verbondenheid (V) voor de 182 deelnemers leidend zijn bij het sociaal leren. Lerarengroepen streven vooral naar het ontwerpen van relevante praktijkmaterialen. Daarbij bepalen ze doelen (P1), ontwerpen ze leermaterialen op basis van die doelen (P2) en kunnen ze een verdiepingsslag maken door de materialen te verbeteren en te implementeren in de onderwijspraktijk (P3). Het vanuit opgestelde doelen samenwerken aan het ontwerpen van praktijkmaterialen levert tevens een bijdrage aan de dimensie Waardecreatie. Voor wat betreft de dimensie Verbondenheid streven lerarengroepen naar het werken en leren in verbondenheid met collega’s. Belangrijk hierbij achten ze dat er sprake is van gelijkwaardigheid en vertrouwen (V1) en het werken op een informele wijze (V2). Deze werkwijze kan alleen tot stand komen wanneer sprake is van een goede organisatie.

Dit instrument kan worden gebruikt voor het faciliteren van lerarengroepen. Als je interesse hebt in het DSL Raamwerk en bijbehorend instrumentarium voor de facilitering van lerarengroepen, kun je contact opnemen met emmy.vrieling@ou.nl.

Emmy Vrieling-Teunter werkt aan de Open Universiteit & Iwan Wopereis aan de Open Universiteit en de Iselinge Hogeschool.

 

Bronnen:

Panadora, E., & Järvelä, S. (2015). Socially shared regulation of learning: A review. European Psychologist, 20, 190-203. doi:10.1027/1016-9040/a000226

Vrieling, E., Van den Beemt, A., & De Laat, M. (2016). What’s in a name: Dimensions of social learning in teacher groups. Teachers and Teaching: Theory and Practice, 22, 273-292. doi:10.1080/13540602.2015.1058588

Click here to revoke the Cookie consent