U spreekt in uw proefschrift over een 'aangeboren non-symbolisch rekenvermogen'. Wat is dat? 'Getallen zijn overal, vijf stippen, vijf vogels of vijf geluiden. Jonge kinderen, ook baby's al, zien het verschil tussen zeg vijf en tien stippen. Niet alleen mensen, maar ook apen en zelfs vissen bezitten dit aangeboren gevoel voor aantallen. Daarbij gaat het om het schatten van hoeveelheden. Om hoeveelheden precies te bepalen, hebben mensen getalsymbolen ontwikkeld. Dit symbolisch rekenvermogen moet je aanleren. Nu is er onder wetenschappers discussie over de vraag of het non-symbolisch vermogen de grootste voorspeller is voor toekomstige rekenprestaties van kinderen of dat dit juist geen rol speelt. Een soort nature-nurture-discussie zogezegd.'

En u heeft die discussie beslecht? 'Ja. We hebben een...

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.