‘Dat kan ik niet,’ zegt een leerling van vijf jaar oud als ze een moeilijke puzzel krijgt. Haar klasgenootje naast haar pakt de uitdaging enthousiast op: ‘Ik ga het proberen.’ Twee reacties op dezelfde taak, maar met een wereld van verschil in motivatie en leerhouding. Wat maakt het verschil? Een groot deel van het antwoord ligt in het zelfbeeld van de leerling. Het beeld dat de leerling over zijn eigen kunnen heeft. 

Dit artikel gaat in op de vraag hoe het zelfbeeld van leerlingen in de onderbouw hun motivatie en leerprestaties beïnvloeden, en hoe jij als leerkracht leerlingen kunt helpen groeien van ‘Ik kan het niet’ naar ‘Ik kan het leren.’ 

Zelfbeeld

Het zelfbeeld is de opvatting die iemand heeft over zichzelf als persoon. Wat kan ik? Wat kan ik niet? Het zelfbeeld van een kleuter is nog volop in ontwikkeling. Leerlingen uit de onderbouw hebben grotendeels een positief zelfbeeld. Dit zorgt ervoor dat ze hun vaardigheden vaak overschatten. Dat komt deels doordat ze zichzelf en hun prestaties nog weinig met anderen vergelijken. Ze denken daarnaast ook erg zwart-wit. Je bent of goed in iets of slecht, er is geen middenweg (Feldman, Tompany, & Raymond, 2024).

Een kind wordt niet geboren met een laag of hoog zelfbeeld. Het zelfbeeld wordt gevormd door verschillende factoren, zoals opvoeding, hechting, ervaringen en de feedback die het kind krijgt. Het zelfbeeld kan positief worden beïnvloed door gerichte ondersteuning van een volwassene (Psychogoed, 2017). 

Invloed op leren

Motivatie en zelfbeeld zijn nauw met elkaar verbonden. Volgens de self-determinination theory zorgt intrinsieke motivatie voor leren van hoge kwaliteit. Deze manier van leren wordt ook wel deep learning genoemd. Het vergt de minste energie van de leerling en de leerkracht en levert de leerling veel plezier op. Je leert namelijk, omdat je het zelf graag wilt. Een positief zelfbeeld ondersteunt deze intrinsieke motivatie. Als een kind gelooft dat hij door te oefenen iets kan leren, durft het ook uitdagingen aan te gaan en zet het door bij moeilijkheden (Bakx, Ros & Bolhuis, 2023). 

Daarnaast speelt ook de mindset-theorie van Carlon Dweck een belangrijke rol. Groei-mindset is de overtuiging dat je jezelf kunt ontwikkelen door te leren en ervaringen op te doen. Kleuters met een groei-mindset willen nieuwe dingen leren, zetten door bij tegenslagen en leren van de fouten die ze maken (Mooi, 2023). De momenten waarop een leerling iets nog niet kan zijn juist de momenten waar een leerling nog veel kan groeien, daarom is een groei-mindset zo belangrijk bij kleuters. Leerlingen met een negatief zelfbeeld geloven minder in hun eigen vaardigheden. 

Tips voor leerkrachten

Geef positieve en procesgerichte feedback. Bijvoorbeeld: ‘Je hebt hard gewerkt en dat is te zien!'

Benadruk dat fouten maken niet erg is (ook bij jezelf). Bijvoorbeeld: ‘De juf heeft een fout gemaakt, maar is dat erg? Helemaal niet, van fouten kun je leren!’ 

Laat leerlingen zien wat ze al geleerd hebben. Bijvoorbeeld: ‘Kijk, deze breuken vind je nog lastig, maar herinner je je nog dat procenten eerst ook moeilijk waren? En nu kun je die al zo goed!’ 

Vergelijken

Als het zelfbeeld zo belangrijk is voor de motivatie en leerhouding, is het interessant om te kijken naar hoe het zelfbeeld van kleuters ontstaat. Het wordt vooral gevormd door twee dingen: hoe ze zichzelf vergelijken met anderen en de feedback die ze krijgen (Universiteit van Amsterdam, 2017).

Volgens Waddington (2019) ontwikkelen jonge kinderen al vroeg een beeld van hun eigen kunnen in rekenen en taal. Ze vergelijken zichzelf met hun klasgenoten (sociale vergelijking) en soms ook met andere vakken (dimensionale vergelijking). Uit het onderzoek blijkt dat sociale vergelijkingen al in groep 1 een rol spelen, terwijl dimensionale vergelijkingen pas vanaf groep 3 duidelijker worden. Daarnaast laten de resultaten zien dat kinderen die zichzelf als goed inschatten in een vak, ook meer interesse en motivatie voor dat vak hebben. Dit betekent dat het zelfbeeld van leerlingen in de onderbouw direct invloed kan hebben op hun motivatie en leerprestaties. 

Feedback

De juiste feedback speelt een belangrijke rol. Onderzoek van Merrick en Fyfe (2025) laat zien dat jonge kinderen sneller stoppen met een taak wanneer zij veel negatieve feedback ontvangen. Afhaken door negatieve feedback is vooral problematisch bij leerlingen met een laag wiskundig zelfbeeld. Verassend genoeg stoppen ook leerlingen met een hoog wiskundig zelfbeeld sneller bij negatieve feedback, terwijl je juist zou verwachten dat een hoog zelfbeeld ze daartegen zou beschermen. Dat betekent dat een positief zelfbeeld op zichzelf niet voldoende is om motivatie en doorzettingsvermogen te garanderen. Het versterkt het belang van een leeromgeving waarin leerkrachten positieve, procesgerichte feedback geven, fouten als leermomenten benoemen en successen zichtbaar maken. Zo ondersteun je het zelfbeeld van alle leerlingen en stimuleer je hun motivatie om nieuwe uitdagingen aan te gaan.

Succeservaringen

Haptotherapeut Mira Kurris bevestigt op basis van haar praktijkervaring dat ervaringen een centrale rol spelen in de ontwikkeling van het zelfbeeld van jonge kinderen. Volgens haar hebben kinderen met een laag zelfbeeld vooral behoefte aan het ervaren van succes. Kleine, haalbare stappen zijn daarbij belangrijk. Wanneer een kind merkt dat het iets kan, wordt het beloningssysteem in de hersenen geactiveerd, waarbij dopamine een belangrijke rol speelt in het versterken van de motivatie. Dit sluit aan bij de bevinding dat succeservaringen essentieel zijn om doorzettingsvermogen op te bouwen (persoonlijke communicatie, 2025).

Kortom, het zelfbeeld van kleuters beïnvloedt hun motivatie en leerhouding, maar een hoog zelfbeeld alleen is niet voldoende. Positieve, procesgerichte feedback, de mogelijkheid om fouten te maken en kleine succeservaringen zijn nodig om motivatie en doorzettingsvermogen te versterken. Zo verandert ‘Ik kan het niet’ in ‘Ik kan het leren’.

Anouk Pool is pabo-student aan de Marnix Academie in Utrecht. 

Bronnen

Bakx, A., Ros, A., & Bolhuis, E. (2023). Doelgericht onderwijs ontwerpen: In vijf stappen naar passende leeractiviteiten (3e herziene druk). Coutinho. 

Feldman, R. S., Tompany, E., & Raymond, J. (2024). Ontwikkelingspsychologie (9e editie). Pearson Benelux B.V.

Merrick, M., & Fyfe, E. R. (2025). Should I stay or should I go? Children’s motivation in response to feedback and its association with math anxiety and math self-concept. Contemporary Educational Psychology, 82, 102393. 

Mooi, S. (2023, 21 augustus). Groei‑mindset: Een uitleg voor kinderen. Squla.

Psychogoed. (2017, 7 december). Heeft mijn kind een laag zelfbeeld? 6 tips voor ouders.

Universiteit van Amsterdam. (2017, 28 september). Hoe vormen kinderen een zelfbeeld?

Waddington, J. (2019). Developing primary school students’ foreign language learner self-concept. System, 82, 39–49.