Kinderen met taalachterstanden lopen die maar moeilijk in. Daar moet een leraar toch extra aandacht aan besteden? ‘Absoluut. Maar soms leidt aandacht voor taal tot een tunnelvisie. Kijk bijvoorbeeld eens naar kinderen met Nederlands als tweede taal. Ofwel: kinderen die thuis een andere taal spreken dan op school. Deze tweetalige kinderen hebben een taalachterstand in het Nederlands, maar ook een leervoordeel ten opzichte van eentalige leeftijdsgenootjes. Ze beschikken in hun eerste taal doorgaans over een grotere woordenschat dan hun eentalige leeftijdsgenootjes en ook zijn ze in staat om talige informatie beter te onthouden en te verwerken. Maar in de discussie over deze kinderen gaat het meestal alleen over problemen, niet over kansen.’

Dat klinkt discutabel. Wat bedoel je...

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.