Er bestaat in het onderwijs een zekere schroom om de noodzaak van ethische vorming expliciet te benoemen. Enerzijds komt dat omdat mensen het associëren met religieuze voorschriften. Een voorbeeld is de wijze waarop de bestuurder van een onderwijsinstelling reageerde op mijn suggestie om ethische vorming in het onderwijs op de kaart te zetten. Ze zei: “O nee, geen ethische vorming op de agenda, dat ligt gelukkig achter ons!” Bij haar bleek ‘ethische vorming’ het beeld op te roepen van een pater of dominee die in de klas aan leerlingen komt vertellen hoe ze moeten geloven en handelen. Anderzijds komt het omdat mensen niet willen dat de overheid hen...
Benieuwd naar de rest van het artikel?
Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.