In Engeland wordt gesproken van summer-born children, in Nederland heten ze ‘kinderen die onvoordelig jarig’ zijn. Deze kinderen zijn laat in de zomer geboren (juli, augustus, september) en mogen daardoor nog net in de eerste klas van de basisschool aanschuiven.

Onlangs hield psychologe Courtenay Frazier Norbury van de Universiteit van Londen een lezing voor het Developmental Language Disorders Network, een samenwerkingsverband van Nederlandse wetenschappers die zich bezighouden met taalstoornissen bij kinderen. Hierin sprak ze over summer-born children en het verband tussen tijdstip van geboorte en een zogeheten specifieke taalstoornis, een stoornis die zich beperkt tot de taal en die er onder meer voor zorgt dat je moeite hebt met het formuleren van kloppende zinnen.

Wat blijkt? Zomerkinderen hebben meer...

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.