Om te voorkomen dat in groep 1 en 2 veel kinderen doorkleuteren, moet in deze groepen en in de voorschoolse periode veel aandacht aan de taalontwikkeling besteed worden. Veel meer dan nu het geval is. Dat kan alleen als leerkrachten, ouders en verzorgers de taalontwikkeling van de kinderen op een kwalitatief hoog niveau stimuleren. Dat betekent dat het onderwijs of de hulp die geboden wordt, effectief en ook leuk moet zijn. Speels en tegelijk systematisch of doelgericht. Voor de zwakkere kinderen betekent dit dat ze vaker dan nu het geval is, worden gestimuleerd en uitgedaagd (aangesproken) om goed te luisteren en te spreken en dat ze vaker via observatie en toetsjes gevolgd en geholpen moeten worden (Aarnoutse...

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.