Professionalisering is een belangrijke manier om de kennis en vaardigheden van leraren te laten groeien en de kwaliteit van het onderwijs te vergroten. Korte, eenmalige trainingen leveren echter op de lange termijn weinig op. Leraren passen de verworven inzichten niet toe als er geen ruimte is om daarmee te oefenen en te herhalen. Aan de andere kant zijn langdurige, theoretische scholingstrajecten lastig te combineren met het onderwijs. Ze sluiten ook niet altijd aan bij de dagelijkse lespraktijk.
Onderzoek laat zien dat professionalisering vooral effect heeft wanneer theorie en praktijk worden gecombineerd: leren in behapbare stappen, direct toepassen in de klas, en hier samen met collega’s en een coach op reflecteren. Deze koppeling met de eigen lespraktijk zorgt ervoor dat nieuwe werkwijzen beklijven en leiden tot blijvende verandering (Desimone, 2009).
WerkplekLeren
WerkplekLeren is een vorm van learning on the job. Leraren krijgen in acht trainingsbijeenkomsten uitleg en tips over een onderwerp, dat ze in de weken daarna toepassen in de klas. Na elke bijeenkomst maken de leraren werkopdrachten die ze kunnen downloaden van een interactieve leerbibliotheek (Bardo), met achtergrondinformatie over de onderwerpen en leeropdrachten. Per periode kiezen ze één focusonderwerp waarop zij zich richten in hun opdrachten en lesplannen. Gedurende het cursusjaar observeren, begeleiden en monitoren interne en externe begeleiders de leraren. Die leren ook van elkaar door lesbezoeken en gezamenlijke reflectie binnen een professionele leergemeenschap (PLG).
Professionele ontwikkeling
In dit artikel staat de vraag centraal in hoeverre WerkplekLeren de professionele ontwikkeling van leraren in het vso kan stimuleren. De training die leraren in het vso kregen, was gericht op het toepassen van effectieve didactische principes van Kirschner et al. (2019). Uit het onderzoek blijkt dat een groot deel van de leraren de didactische bouwstenen van Kirschner – die onderdeel zijn van het curriculum aan de lerarenopleiding – al gebruiken. Hierdoor voelden zij zich bij de start van de training al capabel. WerkplekLeren versterkt dit competentiegevoel door leraren te ondersteunen in het verdiepen en bewust toepassen van wat ze geleerd hebben. Ze ontwikkelen hun professionele competenties verder en hun zelfvertrouwen neemt toe.
Onderzoek WerkplekLeren
De WerkplekLeren training is ontwikkeld door stichting CED-Groep. Praktikon en KBA Nijmegen onderzochten in opdracht van NKO hoe leraren WerkplekLeren ervaren en welke onderdelen daarbij echt verschil maken. Ze namen vragenlijsten af en organiseerden focusgroepen met leraren en leerlingen op drie vso-scholen. Een deel van de leraren nam deel aan WerkplekLeren. Zowel deelnemende als niet-deelnemende leraren vulden de vragenlijsten in, zodat ervaringen met werken en leren op school vergeleken konden worden
Competentiegevoel
De procesevaluatie richtte zich op het competentiegevoel van leraren en de didactische vaardigheden. Omdat het leerproces bij WerkplekLeren intensiever en praktischer is dan een reguliere, korte training, was de verwachting dat leraren hun didactisch handelen langdurig verbeteren en het competentiegevoel gestimuleerd wordt. De procesevaluatie laat zien dat leraren die deelnamen aan WerkplekLeren aan het einde van het traject meer vertrouwen hadden in hun eigen kunnen dan collega’s die niet deelnamen (Philipsen, van Woezik, van Druten, School, & Nelen, 2025). Zij voelen zich competenter in hun handelen en staan steviger voor de klas.
Opvallend is dat ook niet-deelnemende leraren een positieve ontwikkeling op hun competentiegevoel rapporteren. Dit wijst mogelijk op een spill-over effect: inzichten en werkwijzen van deelnemers werken door in het hele team, bijvoorbeeld doordat zij kennis delen of anders samenwerken. WerkplekLeren heeft bovendien het bewustzijn van goede didactiek van deelnemers vergroot. Leerlingen van deelnemende leraren gaven aan verbeteringen te zien in de les. Ze ervaren duidelijkere uitleg met meer gebruik van voorbeelden en meer variatie in de lesvormen.
Schoolcontext
Succesvolle implementatie blijkt sterk samen te hangen met de schoolcontext. Scholen kunnen verschillen in organisatie, doelgroep en teamcultuur. Dat heeft invloed op de uitvoering. Heldere afspraken en afstemming op de werkwijze en voorkeuren van het team zijn daarom van belang. Dan is de kans groter dat de interventie aansluit bij de praktijk, en het vergroot het draagvlak en de kans op duurzame inbedding. Respondenten benadrukken dat de interventie niet alleen het lesgeven raakt, maar de bredere schoolcontext beïnvloedt. Het gaat niet alleen om het lesgeven, maar om de hele omgeving, dus heel de schoolcultuur.
Het vso kent een lerarenpopulatie met verschillen in achtergrond en bevoegdheid. Naast bevoegde leraren zijn er ook professionals met andere of beperktere onderwijsbevoegdheden actief, zoals onderwijsassistenten. Voor hen is de kennis van de bouwstenen van Kirschner niet vanzelfsprekend. WerkplekLeren sluit aan bij zowel het niveau van het team als bij het individuele kennisniveau van medewerkers. Dit maakt WerkplekLeren goed toepasbaar binnen het vso.




Loes van Druten en Daniëlle van Helvoirt zijn werkzaam bij KBA Nijmegen. Marsha Philipsen en Wendy Nelen zijn werkzaam bij Praktikon.
Bronnen
Desimone, L. M. (2009). Improving impact studies of teachers’ professional development: Toward better conceptualizations and measures. Educational Researcher, 38(3), 181–199.
Inspectie van het Onderwijs. (2023). De Staat van het Onderwijs 2023. Inspectie van het Onderwijs.
Kirschner, P. A., Surma, T., Vanhoyweghen, K., Sluijsmans, D., Camp, G. & Muijs, D., (2019). Wijze lessen: twaalf bouwstenen voor effectieve didactiek. Ten Brink Uitgevers.
Philipsen, M., Woezik, R. van, Druten, L. van., School, & M., Nelen, W. (2025). Evaluatie WerkplekLeren. WerkplekLeren voor leraren in het vso. Nijmegen: Praktikon