Naast hem zit een klasgenootje rustig in haar neus te pulken, terwijl de rest van de groep aandachtig luistert naar de (mannelijke!) stagiair die voorleest uit een prentenboek. Uit zijn ietwat onsamenhangende antwoord kan ik opmaken dat hij dat eigenlijk niet goed weet. De stagiair leest rustig door en mijn buurman laat zijn hoofd op mijn zijkant rusten. ‘Gewoon, ik weet het niet en het is toch een rotdag.’ Pedagogische tact is een groot goed en samen besluiten we die dag vooral aardig tegen elkaar te zijn en af en toe aan elkaar te vragen hoe het gaat.
Na het buitenspelen, waarbij hij voornamelijk samen met mij over het speelplein vol vrolijk spelende kleuters wandelt, is er werk aan de winkel. Niet letterlijk, want werk aan de winkel is niet het thema waar we vandaag mee verder gaan. We werken al enige tijd aan hoe wilde dieren overleven in de sneeuw. Tijdens de speelwerktijd blijkt dat mijn survivor (een rotdag is een rotdag en daar krijg ik hem niet makkelijk van af) helemaal geen zin heeft in sneeuw in combinatie met wilde dieren. Hij kiest samen met zijn vriendjes voor de bouwhoek en weigert verder te doen wat ik hem vraag. Of ik dat nou vriendelijk, duidelijk of heel duidelijk vraag.
Waar zijn vrienden op basis van een soort van bouwtekening een iglo nabouwen (mensen zijn immers ook wilde dieren), is hij vooral bezig met klooien. Zonder dat iemand er verder last van heeft, op mij na dan. Ergens vergeet ik dat we hadden afgesproken dat ik hem met rust zou laten. Maar op het moment dat ik hem aanspreek op zijn klooigedrag, gaat dat toch verkeerd. Met als gevolg dat ik nu een wild dier in de groep heb.
Als ik hem uit zijn boosheid probeer te halen door te vragen wat hij dan gemaakt heeft met de poly-m, ontdooit hij. ‘Ik heb zo’n beest gemaakt. Dat leeft in de woestijn en heeft een giftige stekel. Kijk maar.’ Het klooien heeft hem ertoe aangezet een schorpioen te maken. Geweldig. We zoeken samen een foto op van een schorpioen, zodat hij kan kijken wat er nog ontbreekt aan zijn exemplaar. Leren in optima forma, voor mij en mijn vriend dan. Want dat zijn we nu weer, vrienden. Hierbij mijn appel aan alle leerkrachten om kinderen vooral vaker te laten klooien. Tijdens kleuren buiten de evidence-based lijntjes ontstaan de mooiste leermomenten. Ook als je een rotdag hebt.
Edwin Borger is kleutermeester. Hij werkt al zo’n veertig jaar in het onderwijs in diverse functies: leerkracht, intern begeleider, adjunct-schoolleider, interim directeur, adviseur, en schoolopleider.