Wie zich in de geschiedenis van pedagogiek en opvoeding verdiept, kan gemakkelijk de indruk krijgen dat de grootste pedagogen vaak ook de grootste radicalen van hun tijd zijn geweest. Het begint al met Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) die in zijn befaamde Emile (1762) de lezers oproept alles radicaal anders te doen dan ze tot dusverre gewoon waren. Daarbij was zijn pedagogiek niet alleen een opvoedingsleer, maar ook een maatschappijkritiek: om de maatschappij te kunnen veranderen is het nodig de opvoeding van het kind ter hand te nemen. Na hem doen anderen, van Pestalozzi tot Montessori, amper voor Rousseau onder en als radicaliteit een criterium is voor een grote pedagoog dan past Janusz Korczak (1878-1942) perfect in die traditie.
In...
Benieuwd naar de rest van het artikel?
Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.