Je hebt achttien Nederlandse reken-wiskundemethodes door de jaren heen vergeleken. Waar lette je precies op? ‘Mijn uitgangspunt waren de zogeheten opportunities to learn (OTL): de kansen die een methode leerlingen biedt om iets te leren. Daarbij gaat het niet alleen om de inhoud, maar ook om wat leerlingen geacht worden daarmee te doen, bijvoorbeeld rekenprocedures toepassen en vertellen hoe ze iets uitrekenen. En ten derde heb ik gekeken naar alles wat het leren ondersteunt, zoals modellen en de opbouw van de leerstof. Worden opgaven bijvoorbeeld steeds complexer en hoeveel oefenstof is er?’

Qua inhoud zou ik denken dat methodes het voorgeschreven curriculum volgen?

‘Dat gebeurt grotendeels ook wel. Wel zag ik...

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.