Monique de Mol, moeder van twee kinderen in het voortgezet onderwijs: ‘Ik zie de noodzaak niet in van de nieuwe regeling. Wij krijgen nu een inkomensafhankelijke tegemoetkoming. Voor mijn dochter dit jaar 667 euro en voor mijn zoon 587. Gemiddeld was ik 400 euro kwijt aan leermiddelen. Ik vind het een prima regeling. Als we volgend jaar maar 308 euro zouden krijgen dan is dat een strop. Daar kom ik niet mee uit. De nieuwe wet is dus vooral voordelig voor ouders met hogere inkomens. Ik heb wel de indruk dat de uitgeverijen forse prijzen vragen. Vooral werkboeken en cd-roms zijn duur. Je betaalt voor ontwikkelkosten maar hoeveel verandert er nu eigenlijk aan wat kinderen moeten leren van een taal of wiskunde, vraag ik me af. Dat hoeft toch niet elke keer opnieuw gemaakt te worden?’
Angela Kamerbeek, voormalig docente Frans: ‘Docenten hebben hun voorkeuren als het gaat om accenten die ze willen leggen in de les. Liefst komt die voorkeur ook in het lesboek tot uiting. Dat speelt echter vooral in de bovenbouw. De eerste drie jaar ben je bezig met de basis en dan maakt het echt niet zoveel uit welke methode je gebruikt. Je zult allemaal grammatica moeten doen en vocabulaire en tekstbegrip. In principe zou je best met een uniforme methode toe kunnen denk ik, in ieder geval voor de talen en wiskunde, maar daar zijn de uitgeverijen natuurlijk niet voor. Pas in de bovenbouw is de methode ook belangrijker, al heb je naast je methode mogelijkheden genoeg om het onderwijs naar eigen inzicht aan te passen. Je pakt bijvoorbeeld een tekst van internet dan kun je ook de actualiteit bij je taalles betrekken. Of je oefent luistervaardigheid door interviews van de televisie te gebruiken.’
Stephan de Valk ( Wolters-Noordhoff), namens de gezamenlijke educatieve uitgeverijen (GEU): ‘Wij hebben laten uitzoeken wat de consequenties zijn van de verplichte Europese aanbesteding. Advocatenkantoor Stibbe heeft een bijzonder degelijk rapport opgesteld. Daaruit blijkt dat docenten er niet langer vanuit kunnen gaan dat zij hun methode van voorkeur krijgen. Daar is niemand blij mee. De staatssecretaris is van mening dat er geen probleem is met de keuzevrijheid, maar ze heeft dat niet technisch juridisch kunnen onderbouwen. Daarnaast wordt de administratieve belasting erg groot voor scholen en is er een grote kans dat de aanbestedingen aangevochten zullen worden. Het argument dat de wet ook nodig is omdat de prijzen van leermiddelen te hoog zijn in Nederland vanwege onvoldoende concurrentie is niet steekhoudend. Een onderzoek van Price Waterhouse Coopers van enkele jaren geleden heeft uitgewezen dat er in de markt "geen sprake is van excessieve prijsvorming".’
Hans van der Wind, algemeen directeur van Van Dijk Educatie en bestuurslid van de branchevereniging van distributeurs: ‘We zijn niet tegen gratis schoolboeken. De enige manier om de zo belangrijke keuzevrijheid voor docenten te behouden is aanbesteding via een distributeur en in die zin zijn wij ook niet tegen het wetsvoorstel. Wel vragen we ons af of de tweede doelstelling van het wetsvoorstel, namelijk het verbeteren van de marktwerking en lagere prijzen, op deze manier wel wordt behaald. Om te beginnen moeten we niet vergeten dat de dure pakketten een direct gevolg zijn van de onderwijsvernieuwingen die OCW heeft doorgevoerd. Zo is gekozen voor brede profielen waardoor leerlingen langer meer vakken hebben. De ervaring leert bovendien dat Europees aanbesteden de concurrentie eerder verslechtert dan verbetert. De kleine aanbieders kunnen dat soort procedures niet aan en verdwijnen van het toneel.’
Iris de Kort, namens de VO-raad: ‘De VO-raad heeft van het begin af aan aangegeven dat er te veel dingen onduidelijk waren en er grote risico’s kleven aan dit wetsvoorstel. Het is de Tweede Kamer niet gelukt om de nodige helderheid te krijgen. Wij vinden het dan ook bij nader inzien een onuitvoerbare wet. Je ziet dat de juristen nu al van mening verschillen. Het risico is levensgroot dat leerlingen zonder boeken komen te zitten. Dat mag in geen geval gebeuren. Bovendien is er geen garantie dat scholen de boeken krijgen die ze zelf gekozen hebben en dat is voor ons een absolute voorwaarde.’