Dat blijkt uit De lhbtiq+-opvattingen van jongeren, een onderzoek van de UVA onder 31.000 jongeren.
De scholieren zijn positiever over abstracte dan over concrete stellingen. 59 procent is van mening dat iedereen gelijkwaardig is, ongeacht op wie je verliefd wordt, maar 41 procent is tegen de viering van Paarse Vrijdag op school en 61 procent is het niet eens met de stelling dat minstens de helft van de toiletten op school genderneutraal moet zijn.
De verschillen tussen schooltypen zijn klein; vmbo-leerlingen zijn iets conservatiever dan havo of vwo-leerlingen. Er zijn ook geen verschillen als het gaat om leerjaar. In tegenstelling tot eerder onderzoek zijn er geen duidelijke verschillen tussen leerlingen met en zonder een migratieachtergrond. Wel zijn er religieuze verschillen. 86 procent van de islamitische jongeren heeft conservatieve opvattingen. Dat geldt voor 69 procent van de christelijke jongeren en 48 procent van de niet-religieuze jongeren.
De onderzoekers bevelen het ministerie van OCW aan een open dialoog en peer-initiatieven te faciliteren, interventies op maat te ontwikkelen, te investeren in deskundigheidsbevordering bij professionals en diversiteitsbeleid te verankeren. Ze geven ook adviezen over vervolgonderzoek, zoals focussen op onderbelichte lhbtiq-groepen als biseksuele, transgender, intersekse en non-binaire jongeren, en de effectiviteit van diversiteitsbeleid onderzoeken.