Waarom noemde je je proefschrift ‘Van de kat en de bel’?

‘A.D. de Groot eindigde zijn beroemde boek Vijven en zessen met de zin: “Wie bindt de kat de bel aan?” Het was een oproep om de misstanden van slechte toetsing in het vo aan te pakken. Die zin is in de toetswereld heel bekend en ik heb hem altijd met me meegedragen. Voor mijn onderzoek vond ik het een passende titel: het gaat om een andere kat en andere bel, maar de misstand is minstens zo groot: de eindtoets bevordert ongelijke kansen.’ Maar de eindtoets is toch juist...

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op Didactief, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.