Nanda Nekhaar

Tekst Frank Jongbloed
Gepubliceerd op 01-01-2021
Frank Jongbloed - Wat te kopen voor mijn moeders verjaardag?

Mijn zus heeft haar ooit twee kleindochters gegeven, dus die zit geramd, maar ik en mijn twee broers moeten weer (met of zonder aanhang) op rooftocht langs parfumerieën, warenhuizen en tuincentra om onszelf voor een paar tientjes te verzekeren van gratis maaltijden in het ouderlijk huis op de luie zaterdagavond. En bij het tuincentrum loop ik vlak langs Nanda, bij wie ik twee jaar op de middelbare school heb gezeten.

Nanda was een donker meisje met een licht spraakgebrek en halflang krulletjeshaar. Tijdens sommige lesuren zat ik achter haar en op een dag zag ik dezelfde kleine krulletjes als op haar hoofd, ook langs haar nek richting haar rug lopen. Als vanzelf flapte ik er op een robottoon uit: “Nan-da. Nek-haar. Nan-da. Nek-haar.” Een bijnaam die ze vervolgens een jaar met zich mee mocht dragen.

Klasgenootjes moesten er om lachen, ik moest er om lachen (het succes!) en ook Nanda liet zich niet kennen en liet aan iedereen zien dat zij gezellig kon meelachen. Maar dat pukkelige jongetje van toen is al lang verdwenen en de volwassen man die door het tuincentrum liep, realiseerde zich dat Nanda het destijds waarschijnlijk helemaal niet zo geestig had gevonden. Ik hoopte dat ze me zou herkennen. Dat ze op mij af zou lopen, me een aai over mijn kalende schedel zou geven en zou zeggen; “Vriend, ik heb meer haar in mijn nek dan jij op je gehele kale knikker. Geef me eens een belletje, dan mag je wel wat komen lenen. Plak het op je dak. Tien jaar jonger, maat. Tien jaar jonger!”

En dat iedereen in het tuincentrum dan zou gaan juichen en lachen. En Nanda zou me een knipoog geven en high-fivend een schitterende exit maken tussen de joelende en dansende mensen, mij hevig beschaamd achterlatend tussen de sansiferia’s en kunststof bamboearrangementen.

Maar dat gebeurde niet.

Leerkrachten zijn ooit ook wel eens rotzakjes geweest. Misschien moet ik dit verhaal maar eens met mijn groep 7/8 bespreken. Kijken wie moet lachen om Nanda’s bijnaam en wie mij geshockeerd aan zal kijken (“Et tu, meester?!”). En het hebben over kinderen die lachen om een grap, maar van binnen misschien wel een beetje moeten huilen.

Nanda liep me straal voorbij en heeft me niet eens zien staan. Gelukkig voor mijn moeder voelde ik me nog steeds schuldig toen ik haar cadeau uitzocht en zodoende staat er nu een idioot grote bloemenmand in haar woonkamer. Misschien geef ik Nanda ook nog wel eens zo’n mand. Maar dat schrijf ik meer omwille van jullie sympathie, de werkelijke kans dat ik dat doe is zo goed als nihil. Tja. Laten we niet overdrijven, he?


Frank Jongbloed is leraar in het basisonderwijs. Deze column verscheen eerder in Didactief, december 2011.

Een ogenblik geduld...

Frank Jongbloed

Frank Jongbloed is leerkracht en schoolleider in het primair onderwijs.

Click here to revoke the Cookie consent