Het krijt wordt weer rotskust

Tekst Frank Jongbloed
Gepubliceerd op 01-01-2021
Frank Jongbloed - Niet zo lang geleden liep ik samen met mijn vriendin over de grootste zandverstuiving van West-Europa (tien minuten van mijn huis vandaan) en keek ik over de ogenschijnlijk eindeloze vlakte.

Naast mij, scherp afgetekend door het oranje schemerlicht van de ondergaande zon, stonden enkele heidestruiken en ik dacht: daar moet ik toch meer mee in contact staan, met deze natuur, en het niet als een film aan me voorbij laten gaan, zodat ik als ik straks de auto instap de helft van wat ik hier gezien en gevoeld heb alweer vergeten ben. Om deze gedachte kracht bij te zetten stak ik mijn hand uit en liet mijn vingers over de takken van de struik gaan. Gedurende de rest van de wandeling probeerde ik beter adem te halen, meer te zien en horen, en liet ik zo nu en dan, bijna steels, mijn handen over boomschors en laaghangende takken gaan. Toen we het parkeerterrein afreden, zei mijn vriendin opeens: 'Ik wou dat ik dat kon.' 'Wat?' antwoordde ik verbaasd. 'Nou,' zei ze, 'je had het misschien niet door, maar je raakte heel veel aan tijdens het lopen. Alsof je een onderdeel was van de omgeving.' 'Dat is een mooie gedachte,' mompelde ik en besloot niet uit te leggen wat er tijdens de wandeltocht allemaal door mijn hoofd was gegaan.

Nu naar een doordeweekse werkdag als ik met mijn 31 leerlingen in een krap lokaal aan de regelontleding zit, terwijl buiten de eksters elkaar van het dak af krassen en een schitterend deinende linde ongeveer een achtste van ons panorama aan het zicht ontneemt. Het doet me denken aan een gedeelte uit een gedicht van Jacques Prévert: 'En de liervogel speelt zijn lied. Het kind zingt, de meester schreeuwt: speel jij nog lang zo voor hansworst? Maar alle kinderen luisteren naar de muziek. En de muren van de klas brokkelen langzaam af. En de ruiten worden weer zand, de inkt wordt weer water. De banken worden weer bomen, het krijt wordt weer rotskust.'

In hoeverre staan we met het Nederlandse onderwijs nog in contact met onze leefomgeving? We leveren makkelijk kritiek op de schermpjescultuur van onze doelgroep, maar in onze welgemeende poging om de kinderen middels ons onderwijs voor te bereiden op de maatschappij, bakenen we hun leefwereld vijf dagen per week af door ze binnen vier bakstenen muren te bedelven met breuken en persoonsvormen, terwijl ons idee van ontspanning een handvaardigsheidswerkje is dat de avond ervoor van internet is geplukt. Geen wonder dat didactische idealisten als Ken Robinson, Michael Fullan en Peter Gray al jaren roepen dat we het curriculum drastisch moeten veranderen, willen we de connectie met de kinderen niet verliezen. We zijn het onze leerlingen verschuldigd. En de eerstvolgende keer dat een merel buiten begint te zingen tijdens de rekenles, leggen we onze potloden en linialen neer. Om te luisteren.

Deze column is verschenen in Didactief, juni 2015.

 

Een ogenblik geduld...
Click here to revoke the Cookie consent