De allerlaatste

Tekst Frank Jongbloed
Gepubliceerd op 13-09-2017
Frank Jongbloed - Mijn laatste column voor Didactief. Na ongeveer zes jaar stukjesschrijverij gaat er vanaf nu niet langer maandelijks een verhaal naar Amsterdam, keurig gevat tussen de vierhonderd en vijfhonderd woorden, met een begin en een eind, bij voorkeur een opvallende titel en altijd - altijd - te laat ingeleverd.

Net als deze laatste column trouwens. Het tijdschrift met daarin de mededeling dat mijn laatste stukje online staat, lag al in de schappen toen het eerste woord ervan nog geschreven moest worden. Maar nooit een chagrijnig signaal van de eindredactie. Vanaf de eerste keer dat er contact was en ze mij via een mailtje vroegen of ik interesse had om columns voor ze te gaan schrijven tot aan de allerlaatste keer dat ze de spelfouten uit mijn column haalden. Nou ja, spelfouten. Kuch. Díe waren er niet zo vaak. Tenslotte schreef ik in die zes jaar niet over mijn belevenissen als groenteboer. Afijn, de fijne mensen van Didactief dus. Eerst Didaktief, maar die ʻk’ werd er uitgepleurd toen mijn eerste stukje (‘We werken hier met mongolen’) afgedrukt werd in het blad. Ik schrijf overigens opzettelijk ‘uitgepleurd’ want dat klinkt zo lekker Mokums en de paar keren dat ik de redactie aan de telefoon had, viel het me op hoe onvervalst Amsterdams ze klonken.

Wat onderwerpen voor mijn stukjes betreft, mocht ik geheel mijn eigen gang gaan. Er is nooit iemand die mij heeft verteld waarover ik moest schrijven én er is ook nooit een column teruggekomen met de opmerking dat ze liever hadden dat ik een nieuwe schreef. Dat siert ze enorm in mijn ogen en dat heeft er ook voor gezorgd dat ik al die jaren met plezier voor Didactief heb geschreven.

Waarom dan stoppen? Ik schrijf semi-professioneel (lees: gepubliceerd door anderen) sinds 2008 en de drang om te schrijven, te delen, heb ik altijd al gehad. Een van mijn favoriete schrijvers vergeleek de verhalen in zijn hoofd met een brandend gebouw vol mensen die uit de ramen hingen te schreeuwen. Het moet eruit, one way or another. Ik wil graag de tijd en ruimte die ik neem om te schrijven gebruiken om eens niet over het onderwijs te schrijven.

Iedereen weet dat leerkrachten en schoolleiders het druk zat hebben, de kranten staan er momenteel vol van en de ene staking na de andere lijkt zich aan te dienen. Waar feministen vroeger met brandende bh’s stonden te zwaaien, lijken juffen en meesters tegenwoordig met vlammende groepsplannen richting Den Haag te trekken. We hebben het druk en we hebben soms weinig tijd voor andere dingen. Dus. Maak ik voor mezelf tijd vrij. Door bijvoorbeeld sommige nevenactiviteiten (het schrijven van columns) in te ruilen voor andere (het schrijven van een boek of op de bank verliefd zitten staren naar mijn vriendin). Klinkt als een goede deal, toch?

Waar u me wel altijd kunt vinden, is in de lokalen van school. Tussen de bomen op het schoolplein of vlakbij het koffiezetapparaat in de lerarenkamer. In het echt dan, als directeur van een prachtige school in Harderwijk. Met inkt aan mijn vingers en krijt aan mijn trui. U vindt me niet meer in geprinte vorm op school, maar laten we eerlijk zijn; we vinden het in het onderwijs steeds minder belangrijk om dingen op papier te zien, nietwaar? Bedankt voor de aandacht, Beste Lezer en bedankt, beste mensen van Didactief. Wellicht tot ziens, Frank.

Een ogenblik geduld...