Brief Aan Stagiair

Tekst Frank Jongbloed
Gepubliceerd op 01-01-2021
Frank Jongbloed - Beste bijna-meester, je stageperiode zit erop! Voor deze brief heb ik je mappen van voorgaande stages goed doorgenomen. De meeste begeleiders zijn het met me eens. ‘Je hebt het echt in de vingers.’ ‘Je bent een plezier om in de klas te hebben.’ Ook leuk zijn de commentaren van je stagementors van de lerarenopleiding, al kan ik tussen jouw regels door lezen dat je niet altijd even gecharmeerd was van hen.

Of van de opleiding. Zonde, zo’n valse start. Ik kan mijn vinger niet op de wond leggen. Hebben ze geprobeerd je te veel te leren? Of juist te weinig? Was je de enige jongen? (Of was dat juist een voordeel met al die meiden, haha?) Het maakt nu niet zo veel meer uit, je bent bijna klaar. De laatste loodjes wegen het zwaarst, zo wordt beweerd, maar jouw eindsprint is Olympisch goud waard. Of op zijn minst een leuk vaantje. Dat wil niet zeggen dat je er al bent, meester. Verre van dat zelfs. Je spelling mag nog wel iets opgepoetst worden en als ik je een ingewikkelde staartdeling onder je neus schuif, trek je een blik alsof ik je gevraagd heb de Lager-onderwijswet van 1920 op de melodie van Yankee Doodle Dandy te presenteren op ons bestuurskantoor. Ook beweer je een groot voorstander te zijn van ons soort onderwijs, maar houd jezelf niet voor de gek; je hebt namelijk geen idee. Hoe kun je zoiets beweren als je nauwelijks werkervaring hebt met de verschillende vormen van onderwijs? Maar je naïviteit is aandoenlijk. De manier waarop je met kinderen werkt ook. Ik, en dat mag of moet ik eigenlijk niet tegen jou uitspreken, ben soms bezorgd dat al dat beginnend enthousiasme, al die grenzeloze inventiviteit, een paar maanden nadat het eerste werkcontract is getekend, afneemt. Verloren gaat in het logge, didactische methodemonster waarin veel lerarenteams door de jaren heen getransformeerd zijn. Dat je frisse initiatieven (het continent Achtus Groeperius? Haha, dat was geweldig!) in de kiem worden gesmoord door achteloos uitgerufte opmerkingen als ‘Doe nou maar normaal, jongen. Zo doen we het hier al jáááren.’ Dat ook jij, op een dag, de school binnenloopt en niet meer hoort wat de kinderen tegen je zeggen. Wat ze écht tegen je zeggen. Zoals toen die jongen laatst aan jou vroeg welke datum het was en jij zonder erover na te denken doorhad dat de jongen over zijn aankomende verjaardag wilde beginnen, maar uit bescheidenheid niet wist hoe. Hoe dan ook, je bent hier nu klaar. Zomervakantie en dan sta je er, vrij letterlijk, alleen voor. Vergeet niet hoe belangrijk een juf of meester is voor de kinderen. Verlies die verantwoordelijkheid niet uit het oog. Wie weet zie ik je nog een keer verschijnen, voor de koffie of zomaar. Of lees ik iets over je in, laten we zeggen, een onderwijstijdschrift. En dan hoop ik dat ik kan zeggen: ‘Die Frank, ach ja, die ken ik. En volgens mij is hij nog steeds niet vergeten hoe belangrijk en mooi dat beroep van ons is.’

Een ogenblik geduld...
Click here to revoke the Cookie consent